Eiseres heeft aan de vennoten van een vennootschap onder firma een zakelijke lening van €20.000 verstrekt, met een contractuele rente van 8% per jaar en een aflossingstermijn tot 30 november 2023. De vennoten erkenden een betalingsachterstand en voerden geen verweer tegen de vordering.
De rechtbank stelt vast dat de hoofdsom van €14.135,56, de contractuele rente van €5.437,10 tot 13 maart 2024 en buitengerechtelijke incassokosten van €925 toewijsbaar zijn. De gevorderde rente over een hoger bedrag vanaf 27 januari 2024 wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank de vennoten hoofdelijk tot betaling van proceskosten van €2.315,83, inclusief griffierecht, dagvaardingskosten, salaris gemachtigde en nakosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en bevat een veroordeling tot wettelijke rente over de proceskosten bij niet-tijdige betaling.