Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsmotivering
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van verdachte
6.De op te leggen straf of maatregel
schizofrenie; het fixerende staren, het vrijwel roerloos zittend of staand in zijn cel worden aangetroffen en de beperkte spraak wijzen daarop. Onvoorziene plotselinge agressiedoorbraken, passend bij katatonie, zijn bij verdachte niet vastgesteld.
7.De schade van benadeelde
- broek € 19,95;
- ondergoed € 3,00;
- sokken € 1,30;
- oorbellen € 9,99;
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) jaren;
ter beschikking wordt gestelden beveelt dat hij van
overheidswege zal worden verpleegd;
maatregel strekkende tot beperking van de vrijheidals
5 (vijf) jaren;
2 (twee) wekenhechtenis en bepaalt daarbij dat de maximale hechtenis zes maanden bedraagt;
dadelijk uitvoerbaaris, omdat er ernstig rekening mee moet
maatregelop dat de verdachte verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag € 15.155,37 (zegge: vijftienduizend honderdvijfenvijftig euro en zevenendertig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente:
- bepaalt dat de benadeelde partij: [slachtoffer] voor een deel van € 2.585,52 niet-ontvankelijk is in de vordering, en dat de benadeelde partij de vordering voor dat deel slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;
- wijst de vordering van benadeelde partij [slachtoffer] af tot een bedrag van € 70,20.