Eiseres heeft een verzoek om naturalisatie ingediend, dat door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is afgewezen omdat de identiteit en nationaliteit van eiseres niet konden worden vastgesteld. De afwijzing is gebaseerd op een verklaring van onderzoek van het Bureau Documenten van de IND, dat concludeerde dat de overgelegde Burundese identiteitskaart waarschijnlijk niet bevoegd is opgemaakt en dat het paspoort frauduleus is verkregen.
Eiseres heeft tegen deze conclusie bezwaar gemaakt en onder meer een contra-expertiserapport en een verklaring van een lokale overheidsfunctionaris overgelegd. Het Bureau Documenten heeft echter in een weerwoord de eerdere conclusie gehandhaafd. Ook een verklaring van de ambassadeur van Burundi dat de documenten authentiek zijn, werd door het Bureau Documenten betwist.
De rechtbank heeft met toestemming van eiseres kennisgenomen van vertrouwelijke stukken en oordeelt dat de conclusie van het Bureau Documenten zorgvuldig en inzichtelijk tot stand is gekomen. De aanvullende stukken van eiseres kunnen deze conclusie niet weerleggen. Daarom is de weigering om eiseres voor te dragen voor naturalisatie terecht. Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding.