ECLI:NL:RBOVE:2024:3542
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs brandstichting schuur
Op 25 maart 2023 werd brand gesticht in een schuur van een boerderij te [plaats]. Verdachte werd primair ten laste gelegd van medeplegen brandstichting en subsidiair medeplichtigheid. De officier van justitie stelde dat het bewijs wettig en overtuigend was, terwijl de verdediging vrijspraak bepleitte vanwege onvoldoende bewijs voor nauwe samenwerking en opzet.
De rechtbank nam verklaringen van medeverdachte 1 mee, die gedetailleerd aangaf hoe de brand werd gesticht door medeverdachte 2. Verdachte ontkende betrokkenheid en verklaarde op het moment van de brand elders te zijn geweest. Het forensisch onderzoek bevestigde de brandstichting bij de vakkenkast.
De rechtbank oordeelde dat onvoldoende bewijs bestond dat verdachte aanwezig was of een wezenlijke bijdrage leverde aan de brandstichting. Ook was niet bewezen dat verdachte wist van de brandstichting of opzet had, waardoor medeplichtigheid niet kon worden vastgesteld. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlasteleggingen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor medeplegen of medeplichtigheid aan brandstichting.