Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
zijnde cocaïne en/of 4-MMC (mefedron) en/of MDMA en/of 2C-B en/of GHB en/of amfetamine, (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
materiaal bevattende 4-MMC (mefedron) en/of
zijnde cocaïne en/of 4-MMC (mefedron) en/of MDMA en/of 2C-B en/of GHB en/of amfetamine, (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
3.De bewijsmotivering
heb jemand hele la”, “
40 eu”.
voor heele heb je me”, waarop ‘[medeverdachte] 24/7 Tikkie mogelijk’ om 23:15 schrijft: “
kan je [adres 1] komen?”, “
bel aan”, “
[nummer 1]”.
zelfde als vorige keer”, “
dat gebouw”(?) .
ja”.
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2, onder B, van de Opiumwet gegeven verbod;
medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, onder C, van de Opiumwet gegeven verbod;
handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie;
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie.
5.De strafbaarheid van verdachte
6.De op te leggen straf of maatregel
7.De toegepaste wettelijke voorschriften
8.De beslissing
medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met een in artikel
: medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, onder C, van de Opiumwet gegeven verbod;
handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie;
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie.
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) maanden;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de
proeftijd van 2 (twee) jarende navolgende algemene voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarden:
daarbij gelden als voorwaarden van rechtswege dat de verdachte:
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
120 (honderdtwintig) dagen;
Verdachte droeg bij zijn aanhouding een donker blauw trainingspak. Hij is een forse gezette man.