ECLI:NL:RBOVE:2024:3858
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank vernietigt UWV-besluiten en beveelt herbeoordeling Ziektewetuitkering na medische bezwaren
Eiseres maakte bezwaar tegen de weigering van het UWV om haar vanaf 10 oktober 2023 een Ziektewetuitkering toe te kennen. Het UWV verklaarde haar bezwaren niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van bezwaargronden. Eiseres had echter in haar bezwaarschrift aangegeven dat het bezwaar om medische redenen ging en dat zij nadere stukken zou aanleveren. De huisarts van eiseres stuurde aanvullende medische informatie aan het UWV, wat volgens de rechtbank voldoende gronden vormde.
De rechtbank oordeelde dat het UWV niet te strikt aan formaliteiten mocht vasthouden en dat het bezwaar niet-ontvankelijk verklaren onterecht was. Ook stelde de rechtbank vast dat de brief van 28 februari 2024 van het UWV, waarin een herbeoordeling door een verzekeringsarts werd meegedeeld, een besluit met rechtsgevolg is. Het UWV moest daarom ook dit besluit inhoudelijk toetsen.
De rechtbank vernietigde beide bestreden besluiten van 6 maart en 31 mei 2024 en droeg het UWV op om de bezwaren opnieuw inhoudelijk te beoordelen, waarbij eiseres moet worden uitgenodigd voor een hoorzitting en een nieuwe medische beoordeling moet plaatsvinden. Daarnaast werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de bestreden besluiten en beveelt het UWV tot een nieuwe inhoudelijke beoordeling van de Ziektewetuitkering met medische herbeoordeling.