ECLI:NL:RBOVE:2024:416
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs brandstichting woning
Op 26 juni 2023 ontstond brand in de woning van verdachte te Deventer. Verdachte werd primair verdacht van opzettelijke brandstichting door het aansteken van wasbenzine en het veroorzaken van levensgevaar en gemeen gevaar voor goederen. Subsidiair werd schuld aan brandstichting verweten door onvoorzichtig handelen met open vuur en brandbare stoffen.
Tijdens de terechtzitting op 11 januari 2024 heeft de officier van justitie gesteld dat verdachte opzettelijk brand heeft gesticht, onderbouwd met het dossier waaruit blijkt dat verdachte eerder kleine brandjes stichtte. De verdediging voerde aan dat verdachte geen opzet of schuld had en pleitte voor vrijspraak.
De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend kon worden bewezen dat verdachte de brand opzettelijk had veroorzaakt. De verklaring van verdachte over een ongeluk met wasbenzine werd niet als uitgangspunt genomen, maar ook de overige bewijsmiddelen boden geen duidelijkheid over de oorzaak van de brand. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten en hief het bevel tot voorlopige hechtenis op.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor opzettelijke brandstichting.