De huurder woonde in een woning van Rentree en werd ontruimd op basis van een vonnis dat later door het hof werd vernietigd. De ontruiming leidde tot schade voor de huurder, waaronder verlies van inboedel. In kort geding vorderde de huurder een voorschot op schadevergoeding en andere voorzieningen.
De rechtbank oordeelde dat Rentree onrechtmatig handelde door de ontruiming te executeren terwijl het vonnis later werd vernietigd. De huurder had een spoedeisend belang bij een voorschot op de schadevergoeding, maar de omvang van de schadeclaim was onvoldoende onderbouwd en er was sprake van eigen schuld van de huurder.
De rechtbank wees een voorschot van €7.428 toe, gebaseerd op wettelijke minimumbijdragen voor verhuis- en inrichtingskosten. Overige vorderingen, zoals het opleggen van herstelwerkzaamheden en huurvrijstelling, werden afgewezen. Proceskosten werden gecompenseerd.