ECLI:NL:RBOVE:2024:4860
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift tegen omzetting taakstraf in vervangende hechtenis ongegrond verklaard
De politierechter legde op 8 april 2022 een taakstraf van 54 uren op aan de veroordeelde, met de bepaling dat bij niet-uitvoering vervangende hechtenis van 27 dagen zou volgen. Het Openbaar Ministerie besloot op 24 juli 2024 tot omzetting van de taakstraf in vervangende hechtenis wegens het niet verrichten van de taakstraf, waarvan de veroordeelde op 30 augustus 2024 kennis kreeg.
De veroordeelde maakte bezwaar tegen deze omzetting en vroeg om alsnog de taakstraf te mogen uitvoeren. De rechtbank oordeelde dat het bezwaar ontvankelijk was, ondanks dat de omzettingsbeslissing niet was ondertekend, omdat de officier van justitie ter zitting bevestigde dat de beslissing door een bevoegde collega was genomen en ondersteund.
De rechtbank nam kennis van het rapport van GGZ Tactus waaruit bleek dat de taakstraf niet was verricht. Er waren geen uitzonderlijke omstandigheden die onbillijkheid zouden veroorzaken. Daarom werd het bezwaar ongegrond verklaard en de omzetting van de taakstraf in vervangende hechtenis bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de omzetting van de taakstraf in vervangende hechtenis wordt ongegrond verklaard.