Uitspraak
Leger des Heils Jeugdbescherming Arnhem, de gecertificeerde instelling,
[minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2021 in [geboorteplaats] ,
[de moeder] , hierna te noemen: de moeder,
[pleegouder 1] en [pleegouder 2] ,
Het verdere verloop van de procedure
- de tussenbeschikking van 31 januari 2024, waarvan de inhoud als hier herhaald en ingelast geldt;
- een mail van mr. Ben Ahmed, binnengekomen bij de rechtbank op 28 maart 2024.
De feiten
Het standpunt van de moeder
Het standpunt van de pleegouders
Tegelijkertijd begint [minderjarige] het door te krijgen als zijn moeder niet voor de omgang komt en reageert daar dan teleurgesteld op.
De pleegouders vinden het belangrijk dat de relatie met de moeder goed is en blijft, zij hebben begrip voor de situatie waarin zij zit.
De pleegouders vinden wel dat dit het moment is dat [minderjarige] duidelijkheid moet krijgen over zijn perspectief. Zij geven geen mening over waar dat perspectief moet liggen. Voorkomen moet alleen worden dat het hechtingsproces doorgaat en dan alsnog over een of twee jaar doorbroken wordt.