Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
wonende te [woonplaats 1],
wonende te [woonplaats 2],
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil en de beoordeling
- kosten dagvaarding € 136,72;
- griffierecht € 87,00;
- salaris gemachtigde € 543,00;
- nakosten €
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
Eiser verhuurt een woning aan gedaagde die een aanzienlijke huurachterstand heeft opgebouwd van €10.934,00 tot en met september 2024. Eiser vordert in kort geding ontruiming van de woning en betaling van de achterstallige huur, alsmede vergoeding van buitengerechtelijke kosten.
Gedaagde is niet verschenen, waardoor verstek is verleend. De kantonrechter beoordeelt de vordering en acht deze niet onrechtmatig of ongegrond. De gevorderde ontruiming wordt toegewezen met een termijn van 14 dagen na betekening van het vonnis. De vordering tot betaling van de huurachterstand wordt eveneens toegewezen met wettelijke rente vanaf de vervaldatum.
De gevorderde buitengerechtelijke kosten worden afgewezen omdat niet is gesteld of gebleken dat aanmaning conform artikel 6:96 lid 6 BW Pro heeft plaatsgevonden. Ook wordt de machtiging aan eiser om de ontruiming zelf uit te voeren met behulp van de sterke arm afgewezen, aangezien dit niet op de wet berust. De deurwaarder heeft deze bevoegdheid rechtstreeks op grond van artikel 557 Rv Pro.
Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten van €901,72. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming van de woning en betaling van de huurachterstand met proceskostenveroordeling.