De rechtbank Overijssel heeft een 40-jarige vrouw veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van negen maanden wegens het onttrekken van haar vier minderjarige kinderen aan het wettig gezag van hun vader en het toezicht van Jeugdbescherming Overijssel. De kinderen stonden onder gezamenlijk gezag van de ouders tot februari 2020, waarna de vader het hoofdverblijf en het gezag kreeg toegewezen.
De vrouw heeft in de periode van 22 februari 2020 tot en met 13 september 2022 haar kinderen zonder toestemming meegenomen naar Polen en België, waardoor zij de kinderen buiten het bereik van het wettig gezag en het toezicht hield. Drie van de kinderen waren destijds jonger dan twaalf jaar. De rechtbank achtte dit bewezen op basis van verklaringen, proces-verbalen en een bekentenis van de verdachte.
De officier van justitie had een gevangenisstraf van twee jaar, waarvan één jaar voorwaardelijk, gevorderd. De verdediging vroeg om toepassing van het rechterlijk pardon of een straf gelijk aan het voorarrest. De rechtbank oordeelde dat gezien de ernst van het feit en het negeren van gerechtelijke uitspraken een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend is. De schorsing van het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven omdat verdachte zich niet aan de voorwaarden had gehouden.
De opgelegde straf houdt rekening met het voorarrest en zal volledig in een penitentiaire inrichting worden uitgevoerd, met mogelijkheid tot deelname aan een penitentiair programma. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen konden worden.