Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
feit 1 primair: poging tot moord op dan wel doodslag van [slachtoffer 1];
feit 1 subsidiair: zware mishandeling met voorbedachte raad van [slachtoffer 1];
feit 2 primair: poging tot moord op dan wel doodslag van [slachtoffer 2];
feit 2 subsidiair: zware mishandeling met voorbedachte raad van [slachtoffer 2];
feit 2 meer subsidiair: poging tot zware mishandeling met voorbedachte raad van [slachtoffer 2];
feit 3: bedreiging met de dood dan wel zware mishandeling van [slachtoffer 1], [slachtoffer 3], [slachtoffer 2], [slachtoffer 4], [slachtoffer 5] en [slachtoffer 6] door dreigend een op een vuurwapen gelijkend voorwerp op hen te richten.
3.De bewijsmotivering
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
ik heb rozie”, “
haal die ganu”, “
snel”, “
Nog miss der bij”, “
Ik ga hem kkr hard schieten”, “
ik ga hem kkr hard pakken”. De rechtbank leidt hieruit af de verdachte al voor 2:00 uur ruzie met iemand in [bedrijf 1] heeft gehad, dat hij toen al vroeg om een pistool te halen en dat hij de persoon met wie hij ruzie had ‘hard’ wilde pakken. Dat verdachte met deze berichten slechts stoer wilde doen voor een meisje, acht de rechtbank, in het licht van de gebeurtenissen die hierna zijn gevolgd, niet aannemelijk.
ik ben buiten kom snel” en ter zitting heeft verdachte verklaard dat hij na sluitingstijd naar de auto is gegaan en dat hij daar een balletjespistool en een mes in zijn zak heeft gedaan. Verdachte heeft ter zitting verder verklaard dat hij op dat moment een groep mensen voorbij zag rennen, dat hij uit nieuwsgierigheid wilde kijken wat er aan de hand was, dat hij toen het mes aan [medeverdachte] heeft gegeven en dat hij hierna met het balletjespistool nog in zijn broek achter de groep is aangerend. Dat hij vergeten was dat hij het balletjespistool op dat moment nog in zijn zak, zoals verdachte ter zitting heeft verklaard, acht de rechtbank niet geloofwaardig. Uit de bewijsmiddelen is genoegzaam af te leiden dat verdachte toen willens en wetens een confrontatie heeft opgezocht. Hij heeft zich voorzien van een wapen en wist dat hij daarmee in een netelige situatie terecht zou komen. In de explosieve situatie die daarop volgde, en waarvan de precieze feitelijke toedracht, gelet op de verschillende verklaringen die hierover zijn afgelegd, niet duidelijk is geworden, heeft verdachte het balletjespistool uit zijn jaszak gepakt en heeft hij de groep daarmee bedreigd.
poging tot doodslag;
poging tot doodslag;
bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd.
5.De strafbaarheid van verdachte
6.De op te leggen straf of maatregel
7.De schade van benadeelden
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
poging tot doodslag;
poging tot doodslag;
bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd;
gevangenisstrafvoor de duur van
5 (vijf) jaren;