Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
1.[partij A1] ,
2.
[partij A2],
1.De procedure
- de conclusie van antwoord, tevens voorwaardelijke conclusie van eis in reconventie,
- de brief waarin een mondelinge behandeling is bepaald,
Rechtbank Overijssel
Partijen zijn broers en zus die gezamenlijk eigenaar zijn van een chalet in Zwitserland uit de nalatenschap van hun vader. Zij zijn het oneens over de verdeling van het chalet. De eisers vorderen dat het chalet aan hen wordt toegewezen tegen betaling van een overbedelingssom aan de gedaagde, die daartegen verzet aantekent en wil dat het chalet in gezamenlijke eigendom blijft of in een stichting wordt ondergebracht.
De rechtbank oordeelt dat zij bevoegd is om over het geschil te oordelen, ondanks dat het chalet in Zwitserland ligt, omdat het geschil betrekking heeft op persoonlijke rechten en partijen in Nederland wonen. De rechtbank past Nederlands recht toe. Er is geen sprake van een doorslaggevend belang bij een van de partijen; beiden zijn in staat elkaar uit te kopen.
De rechtbank wijst het voorstel van de gedaagde om het chalet in een stichting onder te brengen af, omdat daarvoor geen rechtsgrond bestaat. De rechtbank gelast de verdeling van het chalet en wijst het toe aan de eisers, die aan de gedaagde een overbedelingssom van €167.857,00 moeten betalen. De gevorderde dwangsom wordt niet toegewezen vanwege de onbepaaldheid over het moment van verschuldigdheid. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De rechtbank gelast de verdeling van het chalet en wijst het toe aan de eisers tegen betaling van een overbedelingssom aan de gedaagde.