ECLI:NL:RBOVE:2024:6442
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs voor medeplichtigheid aan smokkel en handel in metamfetamine
Verdachte werd beschuldigd van het samen met een ander of alleen smokkelen en verhandelen van ongeveer veertien kilogram metamfetamine. De tenlastelegging omvatte primair het buiten Nederland brengen van de drugs, subsidiair het verkopen en vervoeren daarvan, en meer subsidiair medeplichtigheid door het ter beschikking stellen van haar auto.
Tijdens de zitting werd vastgesteld dat verdachte ontkende kennis te hebben gehad van het doel van de reis en de aanwezigheid van de drugs in haar auto. Medeverdachte verklaarde dat verdachte niet op de hoogte was van de verborgen pakketten. De politie trof de drugs aan in verborgen ruimtes in de Audi A4 van verdachte, die samen met medeverdachte op 11 juni 2024 Nederland binnenreed en op 12 juni werd aangehouden nabij Oldenzaal.
De rechtbank overwoog dat enkel het ter beschikking stellen van de auto onvoldoende bewijs is voor medeplichtigheid, zeker zonder aanwijzingen dat verdachte wist van de verborgen ruimtes of de drugs. De verklaringen van verdachte werden niet uitgesloten, en de rechtbank volgde de officier van justitie niet in diens bewijsconstructie op basis van vermeende leugenachtige verklaringen.
Daarom werd het primair, subsidiair, meer subsidiair en meest subsidiair tenlastegelegde niet wettig en overtuigend bewezen verklaard en werd verdachte vrijgesproken.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor medeplichtigheid aan smokkel en handel in metamfetamine.