Uitspraak
1.Inleiding en samenvatting
2.De procedure
- de conclusie van antwoord met producties 1 tot en met 5,
- de conclusie van repliek met de (later toegezonden) producties 5 en 6,
- de reactie van [gedaagde] op de nagezonden producties 5 en 6.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
Enexis, als netbeheerder, vordert vergoeding van kosten voor elektriciteit en gas geleverd aan een woning waar gedaagde in de periode 15 december 2022 tot 15 januari 2023 geen contract had met een energieleverancier. Enexis stelt dat gedaagde in die periode wel energie heeft gebruikt, wat tot ongerechtvaardigde verrijking zou leiden. Gedaagde betwist het gebruik van energie en stelt dat hij toen nog niet in de woning woonde.
De rechtbank beoordeelt de vordering op grond van ongerechtvaardigde verrijking en stelt vast dat hoewel Enexis is verarmd door niet betaalde energielevering, onvoldoende is bewezen dat gedaagde in de betreffende periode de woning bewoonde en energie gebruikte. De door Enexis aangevoerde gegevens over inschrijving in de BRP en verklaringen van de makelaar zijn tegenstrijdig en sluiten niet aan op de gevorderde periode.
Daarnaast oordeelt de rechtbank dat de schending van de waarheids- en volledigheidsplicht door Enexis niet leidt tot niet-ontvankelijkheid omdat gedaagde hierdoor niet in zijn belangen is geschaad en de vordering toch wordt afgewezen. De gevorderde proceskosten worden beperkt toegewezen aan gedaagde, waarbij een volledige vergoeding wordt afgewezen wegens gebrek aan buitengewone omstandigheden.
De rechtbank wijst de vordering van Enexis af, veroordeelt Enexis in de proceskosten van €202,50 met wettelijke rente en verklaart dit uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vordering van Enexis tot vergoeding van energiekosten wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van gebruik door gedaagde.