ECLI:NL:RBOVE:2024:6632
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening tegen intrekking bijstandsuitkering wegens onvoldoende motivering
Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Enschede om haar bijstandsuitkering met ingang van 3 juli 2024 in te trekken vanwege het niet nakomen van de inlichtingenverplichting. Het college had de uitkering opgeschort en later ingetrokken omdat verzoekster niet alle gevraagde gegevens van haar partner had verstrekt.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening en oordeelde dat verzoekster een voldoende spoedeisend belang had, omdat zij sinds 3 juli 2024 geen inkomen meer had en daardoor in financiële nood verkeerde, met risico op ontbinding van de huurovereenkomst. Het college had het spoedeisend belang niet bestreden.
De rechter stelde vast dat het intrekkingsbesluit van 8 november 2024 onvoldoende was gemotiveerd, omdat niet concreet werd vermeld welke inlichtingen waren achtergehouden. Bovendien was niet onderzocht of de partner van verzoekster daadwerkelijk op het uitkeringsadres verbleef, wat relevant is voor de inlichtingenverplichting.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen, de intrekking geschorst tot het besluit op bezwaar, en het college veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen en de intrekking van de bijstandsuitkering wordt geschorst tot het besluit op bezwaar.