ECLI:NL:RBOVE:2024:664
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot opheffing faillissement en toepassing schuldsaneringsregeling afgewezen voor looptijdverkorting
De rechtbank Overijssel behandelde het verzoek van de verzoeker tot opheffing van zijn faillissement en gelijktijdige toepassing van de schuldsaneringsregeling. De verzoeker had tijdens het faillissement een minnelijke schuldregeling met goed gevolg afgerond, maar stopte vrijwillig met budgetbeheer waarna nieuwe schulden ontstonden. De rechtbank stelde vast dat de verzoeker te goeder trouw was en voldoende aannemelijk had gemaakt dat hij aan de verplichtingen van de schuldsaneringsregeling zou voldoen.
De rechtbank besloot het faillissement op te heffen en de schuldsaneringsregeling toe te passen. Het verzoek om de looptijd van de schuldsaneringsregeling te beperken tot een half jaar werd afgewezen omdat de Faillissementswet geen grondslag biedt voor dit verzoek in deze situatie. De rechtbank wees erop dat de bevoegdheid tot wijziging van de looptijd bij de rechter-commissaris ligt en heeft het dossier aan deze rechter overgedragen.
Verder bepaalde de rechtbank dat de vaststelling van faillissementskosten en curatorssalaris voor onbepaalde tijd wordt aangehouden en stelde de vergoeding van de bewindvoerder voorlopig vast conform het nieuwe besluit. De bewindvoerder krijgt toestemming tot het openen van aan de verzoeker gerichte post en het voorschot op vergoeding onder voorwaarden.
Uitkomst: Faillissement wordt opgeheven en schuldsaneringsregeling toegepast; verzoek tot looptijdverkorting afgewezen en overgedragen aan rechter-commissaris.