Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBOVE:2024:6806

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
17 december 2024
Publicatiedatum
19 december 2024
Zaaknummer
11419943 \ CV EXPL 24-4210
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 556 lid 1 RvArt. 557 RvArt. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontruiming en betaling achterstallige huur door huurder DB Horeca toegewezen

DB Horeca huurt een bedrijfsruimte van eiseres en is in gebreke gebleven met het betalen van de huur. Eiseres vordert in kort geding ontruiming van het pand, betaling van achterstallige en toekomstige huur, contractuele boetes, buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten.

DB Horeca verschijnt niet in de zitting, waardoor verstek wordt verleend. De kantonrechter stelt vast dat de vorderingen grotendeels spoedeisend en niet onrechtmatig zijn. De ontruimingstermijn wordt vastgesteld op veertien dagen na betekening van het vonnis.

De gevorderde machtiging voor inzet van de sterke arm van justitie wordt afgewezen als overbodig. Contractuele boetes worden afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang, maar wettelijke rente over de huurtermijnen en proceskosten wordt toegewezen.

DB Horeca wordt veroordeeld tot ontruiming, betaling van achterstallige huur en incassokosten, en de proceskosten van eiseres. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.

Uitkomst: DB Horeca wordt veroordeeld tot ontruiming binnen veertien dagen en betaling van achterstallige huur met rente en proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANKOVERIJSSEL
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Zwolle
Zaaknummer: 11419943 \ CV EXPL 24-4210
Vonnis in kort geding van 17 december 2024
in de zaak van
de besloten vennootschap
[eiseres] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
eisende partij,
hierna te noemen: [eiseres],
gemachtigde: mr. R.C.J. Jacobs,
tegen
de besloten vennootschap
DB HORECA B.V.,
gevestigd te Olst,
gedaagde partij,
hierna te noemen: DB Horeca,
niet verschenen.

1.De zaak in het kort

DB Horeca huurt een bedrijfsruimte van [eiseres]. In dit kort geding vordert [eiseres] onder meer ontruiming van de bedrijfsruimte, omdat DB Horeca de huur niet meer betaald. De kantonrechter zal de gevorderde ontruiming en nevenvorderingen toewijzen.

2.De procedure

2.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding, uitgebracht op 4 december 2024,
- de nadere productie van [eiseres],
- de mondelinge behandeling van 17 december 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.Tijdens de mondelinge is [naam] verschenen namens [eiseres], bijgestaan door zijn gemachtigde mr. R.C.J. Jacobs. Namens DB Horeca is niemand verschenen. Tegen haar is verstek verleend.
2.2.
Het vonnis is bepaald op vandaag.

3.Het geschil

[eiseres] vordert – kort samengevat – ontruiming van het pand aan [adres], veroordeling van DB Horeca tot betaling van achterstallige en toekomstige huurtermijnen, contractuele boetes, buitengerechtelijke incassokosten, en met veroordeling van DB Horeca in de proceskosten.

4.De beoordeling

Verstek
4.1.
Bij de dagvaarding zijn de voorgeschreven termijnen en formaliteiten in acht genomen zodat tegen DB Horeca verstek zal worden verleend.
4.2.
De kantonrechter zal de vorderingen van [eiseres] voor een belangrijk deel toewijzen, nu deze grotendeels naar hun aard spoedeisend zijn en deze niet onrechtmatig of ongegrond voorkomen. Verder heeft nog het volgende te gelden.
De termijn voor ontruiming
4.3.
De kantonrechter zal de termijn voor ontruiming stellen op veertien dagen na betekening van dit vonnis.
De gevorderde machtiging van de sterke arm
4.4.
De gevorderde machtiging om de ontruiming zo nodig zelf te doen uitvoeren met behulp van de sterke arm van justitie zal worden afgewezen, omdat zij ingevolge artikel 556 lid 1 en Pro artikel 557 Rv Pro overbodig is.
De contractuele boetes
4.5.
De gevorderde contractuele (verbeurde of eventueel nog te verbeuren) boetes wijst de kantonrechter af. Niet gesteld of gebleken is dat [eiseres] bij toewijzing daarvan een spoedeisend belang heeft. De subsidiair gevorderde wettelijke rente over de verschuldigde huurtermijnen zal, als op de wet gegrond, wel worden toegewezen.
De proceskosten
4.6.
DB Horeca is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiseres] worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
115,22
- griffierecht
524,00
- salaris gemachtigde
543,00
- nakosten
135,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.317,22
4.7.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

5.De beslissing

De kantonrechter, rechtdoende in kort geding
5.1.
veroordeelt DB Horeca om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis het pand aan [adres] te ontruimen met alle daarin aanwezige personen en zaken, tenzij deze zaken van [eiseres] zijn, en de sleutels af te geven aan [eiseres],
5.2.
veroordeelt DB Horeca tot betaling aan [eiseres] van een bedrag van € 4.510,29, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro vanaf de vervaldatum van iedere huurtermijn tot aan de dag der algehele voldoening,
5.3.
veroordeelt DB Horeca tot betaling aan [eiseres] van een bedrag van € 1.503,43 inclusief btw vanaf 1 december 2024 tot aan de dag van de ontruiming van het gehuurde, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro vanaf de dag der opeisbaarheid tot de dag der algehele voldoening,
5.4.
veroordeelt DB Horeca om aan [eiseres] te betalen een bedrag van € 576,03 aan buitengerechtelijke kosten,
5.5.
veroordeelt DB Horeca in de proceskosten van € 1.317,22, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als DB Horeca niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.6.
veroordeelt DB Horeca tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
5.7.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
5.8.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.J.C.M. Manders en in het openbaar uitgesproken op 17 december 2024. (wv)