ECLI:NL:RBOVE:2024:6973
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over onvoldoende gemotiveerd UWV-besluit inzake WIA-uitkering
Eiseres heeft een WIA-uitkering aangevraagd, maar het UWV heeft deze geweigerd met het standpunt dat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 35% bedraagt. De rechtbank beoordeelt het bestreden besluit en constateert dat het onvoldoende is gemotiveerd. De verzekeringsarts heeft de beperkingen van eiseres vastgesteld, maar heeft onvoldoende rekening gehouden met de ernstige pijnklachten, zenuwschade en littekenweefsel aan de rechterschouder, zoals ook bevestigd door de huisarts en fysiotherapeut.
De rechtbank stelt dat het UWV niet adequaat heeft gemotiveerd waarom de beperkingen uit eerdere Functionele Mogelijkhedenlijsten niet zijn overgenomen en waarom geen urenbeperking is vastgesteld ondanks de klachten. Ook is onvoldoende toegelicht hoe de centrale sensitisatie is meegenomen in de beoordeling.
De rechtbank geeft het UWV de mogelijkheid om binnen acht weken het gebrek in de motivering te herstellen, hetzij door aanvullende motivering, hetzij door een nieuwe beslissing op bezwaar. Tot die tijd worden verdere beslissingen aangehouden. De uitspraak is een tussenuitspraak in het bestuursrechtelijke geschil over de WIA-uitkering.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het UWV-besluit onvoldoende gemotiveerd en geeft het UWV acht weken om het gebrek te herstellen.