ECLI:NL:RBOVE:2024:7001
Rechtbank Overijssel
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing ontruimingsvordering en dringend eigen gebruik bedrijfsruimte door verhuurder
De Waterlelie verhuurt een bedrijfsruimte aan [gedaagde], die daarin een (eet)café exploiteert. De verhuurder stelt dat [gedaagde] zich niet als goed huurder gedraagt, onder meer vanwege klachten over gasten, het gedrag van [gedaagde], het gelijktijdig exploiteren van twee horecazaken en wil het pand zelf gaan gebruiken als familiebedrijf. De Waterlelie vordert ontruiming van het gehuurde.
De voorzieningenrechter oordeelt dat De Waterlelie te lang heeft gewacht met het instellen van een bodemprocedure en onvoldoende spoedeisend belang heeft bij voorlopige voorzieningen. Er is geen contractuele verplichting om het café permanent geopend te houden en geen bewijs van toerekenbare tekortkomingen of ernstige overlast. Het gelijktijdig exploiteren van twee horecazaken is niet onderbouwd als onrechtmatig.
Ook het dringend eigen gebruik is onvoldoende onderbouwd; concrete plannen ontbreken en de zoon die het pand zou exploiteren is niet aanwezig om dit toe te lichten. De vorderingen worden afgewezen en De Waterlelie wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van De Waterlelie af en veroordeelt haar in de proceskosten.