De rechtbank Overijssel heeft op 12 februari 2024 uitspraak gedaan over de tussentijdse toetsing van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (ISD-maatregel) die aan de veroordeelde in 2021 was opgelegd voor twee jaar.
De veroordeelde had verzocht om beëindiging van de maatregel, omdat na executie van een gevangenisstraf van 300 dagen nog 92 dagen van de ISD-maatregel zouden resteren, waarvan hij vond dat die te kort was voor een resocialisatietraject. De officier van justitie en deskundigen adviseerden voortzetting vanwege het blijvende gevaar voor onveiligheid en terugval.
De rechtbank concludeerde dat het recidiverisico nog steeds aanwezig is, mede door meerdere onttrekkingen en terugval in middelengebruik. Er is geen omstandigheid buiten de macht van de veroordeelde die voortzetting zinloos maakt. De resterende periode biedt ruimte om een geschikte 24-uursvoorziening te organiseren, en de maatregel kan als stok achter de deur fungeren.
Daarom wees de rechtbank het verzoek tot beëindiging af en besloot de voortzetting van de tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel noodzakelijk te achten.