Partijen A en B zijn betrokken bij een geschil over een chalet op een camping van partij B. Partijen A zijn eigenaar van het chalet en huren de staanplaats van partij B, die verantwoordelijk is voor de levering van gas, water en elektriciteit tot de hoofdmeterkast. Partijen A vorderen herstel van de leidingen en schadevergoeding wegens misgelopen huur en waterschade. Partijen B vorderen betaling van openstaande facturen voor gas, water, elektriciteit en huur.
De kantonrechter oordeelt dat partij B onrechtmatig de toevoer van gas, water en elektriciteit heeft afgesloten en veroordeelt partij B tot herstel van de voorzieningen en het ongemoeid laten daarvan, met een dwangsom bij niet-nakoming. De vordering tot vergoeding van misgelopen huur wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en schending van de schadebeperkingsplicht door partijen A.
De schadevergoeding voor waterschade in januari 2022 wordt toegewezen aan partijen A, omdat partij B aansprakelijk is voor het niet aanzetten van de zekering in de hoofdmeterkast. De vordering van partij B tot betaling van de eindafrekening gas, water en elektriciteit over 2022 wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De factuur voor de huur van de staanplaats in 2023 moet door partijen A worden betaald, met verrekening van de toegewezen schadevergoeding, waardoor de tegenvordering van partij B tenietgaat. Proceskosten worden tussen partijen gecompenseerd.