ECLI:NL:RBOVE:2025:2142

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
8 april 2025
Publicatiedatum
8 april 2025
Zaaknummer
11509323 \ CV EXPL 25-122
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toestemming voor dagvaarding in vrijwaring bij geschil over non-conforme auto

Partij A en partij B sloten op 20 september 2024 een koopovereenkomst voor een BMW 750 LI met een kilometerstand van 165.000 km. Partij A stelde partij B in gebreke wegens non-conformiteit van het voertuig en vorderde ontbinding van de koopovereenkomst met terugbetaling van het aankoopbedrag.

Partij B vorderde in een incident toestemming om betrokkene, van wie hij het voertuig eerder had gekocht, in vrijwaring te dagvaarden. Dit omdat partij B meent dat indien de koopovereenkomst tussen hem en partij A ontbonden kan worden wegens non-conformiteit of dwaling, hij diezelfde grondslag kan aanwenden om de overeenkomst met betrokkene te ontbinden.

Partij A had geen bezwaar tegen de oproeping in vrijwaring en vond de verklaringen van betrokkene verhelderend. De kantonrechter wees de vordering van partij B toe en verwees de hoofdzaak naar de civiele rolzitting op 6 mei 2025 om op de eis in vrijwaring te antwoorden.

De rechtbank veroordeelde partij B in de kosten van het incident en hield verdere beslissing in de hoofdzaak aan. Het vonnis werd gewezen door kantonrechter A.M. van Diggele te Almelo op 8 april 2025.

Uitkomst: Partij B krijgt toestemming om betrokkene in vrijwaring te dagvaarden; hoofdzaak wordt verwezen naar rolzitting.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Almelo
Zaaknummer : 11509323 \ CV EXPL 25-122
Vonnis in incident van 8 april 2025
In de zaak van
[partij A],
wonende te [woonplaats 1],
eisende partij in de hoofdzaak, verwerende partij in het incident, hierna te noemen [partij A],
procederende in persoon,
tegen
[partij B],
wonende te [woonplaats 2],
gedaagde partij in de hoofdzaak, eisende partij in het incident, hierna te noemen [partij B],
gemachtigde: mr. H.J. Koop, advocaat te Almelo.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 16 januari 2025;
- de incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring van 25 februari 2025;
- de antwoord conclusie in het incident van 11 maart 2025.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
Tussen [partij A] en [partij B] is op 20 september 2024 een koopovereenkomst gesloten ter zake een auto, BMW 750 LI, kenteken [kenteken]. De koopprijs is € 18.000,00 en de vermelde kilometerstand 165.000.
2.2.
[partij A] heeft de auto op 24 september 2024 bij [partij B] opgehaald.
2.3.
[partij A] heeft bij schrijven van 26 november 2024 [partij B] in gebreke gesteld en in de gelegenheid gesteld de vermelde gebreken te herstellen dan wel voor vervanging zorg te dragen.
2.4.
[partij B] heeft hierop gereageerd bij schrijven van 8 december 2024.

3.Het geschil

De vordering in de hoofdzaak
3.1.
[partij A] vordert, bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, dat de kantonrechter voor recht verklaart dat de overeenkomst is ontbonden en [partij B] wordt veroordeeld om aan [partij A] tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen het bedrag van € 19.469,83, te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf de dag van dagvaarding tot de dag van algehele voldoening, kosten rechtens.
3.2.
[partij A] legt kort samengevat aan zijn vordering ten grondslag dat [partij B] hem een non-conforme auto heeft verkocht en daarbij bewust informatie heeft achtergehouden.
De vordering in het incident
3.3.
[partij B] vordert hem toe te staan de heer [betrokkene] te [plaats] te dagvaarden tegen een door de rechtbank te bepalen terechtzitting, teneinde op de eis tot vrijwaring te antwoorden en voort te procederen, kosten rechtens.
3.4.
[partij B] legt aan zijn vordering in incident ten grondslag dat, indien er een rechtsgrond mocht bestaan om de koopovereenkomst te ontbinden op grond van dwaling c.q. non-conformiteit vanwege een teruggedraaide kilometerstand, hem diezelfde rechtsgrondslag toekomt om ontbinding van de voorgaande koopovereenkomst tussen [betrokkene] en [partij B] te vorderen. [partij B] heeft in januari 2024 het voertuig van [betrokkene] gekocht. [partij B] merkt op dat uit de dagvaarding van [partij A] blijkt dat de kilometerstand ten tijde van de verkoop door [betrokkene] aan [partij B] tussen de 145.000 en 165.000 kilometer moet zijn geweest (RDW-rapport). [partij B] is ten tijde van het sluiten van de koopovereenkomst door [betrokkene] niet geïnformeerd over een mogelijke onjuiste kilometerstand.
Het verweer in het incident
3.5.
[partij A] merkt op geen bezwaar te hebben tegen het oproepen in vrijwaring van de heer [betrokkene] te [plaats]. [partij A] meent dat verklaringen van [betrokkene] verhelderend kunnen zijn. Daarnaast merkt hij op dat het terugdraaien van de kilometerteller van ondergeschikt belang is. Het gaat erom dat [partij B] hem een non-conforme auto heeft verkocht.

4.De beoordeling

In het incident
4.1
[partij A] voert tegen de incidentele vordering geen verweer.
4.2
De kantonrechter wijst de vordering toe, omdat uit de aangevoerde grond volgt dat [partij B] belang kan hebben bij de oproeping in vrijwaring.
In de hoofdzaak
4.1.
De zaak van [partij A] tegen [partij B] zal worden verwezen naar de civiele rolzitting van de rechtbank Overijssel, team kanton en handelsrecht, zittingsplaats Almelo, op dinsdag 6 mei 2025 te 10.00 uur, teneinde op de eis in vrijwaring te antwoorden.

5.De beslissing

De kantonrechter:
In het incident
5.1.
Staat [partij B] toe om [betrokkene], wonende te [plaats], in vrijwaring te doen dagvaarden tegen de civiele rolzitting van de rechtbank Overijssel, team kanton en handelsrecht, zittingsplaats Almelo op dinsdag 6 mei 2025 te 10.00 uur, teneinde op de eis in vrijwaring te antwoorden.
5.2.
Veroordeelt [partij B] in de kosten van het incident, aan de zijde van [partij A] begroot op nihil.
In de hoofdzaak
5.3.
Verwijst de procedure naar de civiele rolzitting van de rechtbank Overijssel, team kanton en handelsrecht, zittingsplaats Almelo, van dinsdag 6 mei 2025, teneinde [partij B] in staat te stellen te concluderen voor antwoord.
5.4.
Houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen te Almelo door mr. A.M. van Diggele, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 8 april 2025.
(JHd(O)