In deze zaak staat een executiegeschil centraal over de executie van aandelen die Magic Micro Co Ltd houdt in LioniX International B.V. De eiser, LIDP, heeft de deurwaarder gedagvaard, maar de voorzieningenrechter oordeelt dat dit de verkeerde partij is. In plaats daarvan had LIDP Monsoon als executant en Magic Micro als geëxecuteerde partij moeten dagvaarden.
Tijdens de mondelinge behandeling op 14 april 2025 hebben partijen hun standpunten toegelicht en is Monsoon als partij toegelaten aan de zijde van de deurwaarder. De voorzieningenrechter overweegt voorts dat, indien LIDP wel ontvankelijk zou zijn geweest, haar vorderingen alsnog zouden zijn afgewezen omdat er sprake is van een verifieerbaar, onvoorwaardelijk en onherroepelijk bod door Monsoon.
De rechter compenseert de proceskosten zodanig dat iedere partij haar eigen kosten draagt, verklaart LIDP niet-ontvankelijk en veroordeelt haar in de proceskosten van zowel de deurwaarder als Monsoon. Het vonnis is op 15 april 2025 gewezen en in het openbaar uitgesproken.