Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het verzoek tot verbetering
2.De beoordeling
3.De beslissing
119,00
Rechtbank Overijssel
In deze civiele zaak heeft de kantonrechter op verzoek van Woonstichting Vechthorst het vonnis van 11 maart 2025 hersteld. De verzoeker stelde dat de proceskosten niet correct waren opgeteld en dat de buitengerechtelijke incassokosten niet in de beslissing waren vermeld.
De kantonrechter oordeelde dat sprake was van een kennelijke fout die eenvoudig te herstellen was. De proceskosten werden aangepast van €1.225,15 naar €1.255,15, waarbij de buitengerechtelijke incassokosten van €318,74 werden toegevoegd.
De wijzigingen werden vastgelegd in een herstelvonnis van 20 maart 2025, waarin werd bepaald dat gedaagde als de in het ongelijk gestelde partij deze kosten moet betalen binnen veertien dagen na betekening van het vonnis. Beide partijen werden tevens gelast om de vonnisstukken aan de griffie te retourneren.
Uitkomst: Het vonnis van 11 maart 2025 is hersteld door correctie van proceskosten en toevoeging van buitengerechtelijke incassokosten ten laste van gedaagde.