Eiseres maakte bezwaar tegen het door het UWV vastgestelde arbeidsongeschiktheidspercentage van 63,01% per 29 december 2023, omdat zij meent dat haar beperkingen, waaronder fysieke en mentale klachten, onvoldoende zijn meegewogen. Na een herbeoordeling en diverse medische rapportages stelde het UWV het percentage ongewijzigd vast.
De rechtbank heeft het beroep behandeld en aanvullend onderzoek gedaan, waaronder het inwinnen van rapporten van de verzekeringsarts bezwaar en beroep. De medische en arbeidskundige rapporten gaven geen aanleiding om het percentage te wijzigen. De rechtbank oordeelde dat de beperkingen en geselecteerde functies passend waren en dat de berekening van het arbeidsongeschiktheidspercentage correct was.
De rechtbank wees het beroep af, verklaarde het ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. Eiseres krijgt geen vergoeding van proceskosten of griffierecht terug. De uitspraak is gedaan door rechter M. Eikelenboom en kan worden aangevochten bij de Centrale Raad van Beroep.