Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
1.Het verzoek en de beoordeling daarvan
- de brief van [partij A] van 27 februari 2025 met bijlagen;
- de antwoordakte van 3 maart 2025 van [partij B].
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
De rechtbank Overijssel behandelde een incident in een civiele zaak waarin partij A zekerheid moest stellen ten behoeve van partij B. Partij A had een bankgarantie moeten stellen, maar bood vervolgens een alternatieve zekerheid aan door een bedrag te storten op een derdengeldenrekening beheerd door een stichting als escrow agent.
Partij B verzette zich tegen deze vorm van zekerheid, onder meer vanwege privacyzorgen bij het verstrekken van gegevens aan de notaris en twijfels over de toelaatbaarheid van escrow-activiteiten door notarissen. De rechtbank onderzocht of de geboden zekerheid voldeed aan de eisen van artikel 6:51 lid 2 BW Pro, dat vereist dat de vordering behoorlijk gedekt is en de schuldeiser zonder moeite verhaal kan nemen.
De rechtbank concludeerde dat de escrow-overeenkomst voldoende waarborg biedt dat partij B zonder moeite het bedrag kan opeisen en dat de bezwaren van partij B geen reden zijn om de zekerheid af te wijzen. De eerdere beslissing dat alleen een bankgarantie volstaat werd daarom herzien. Partij B moet binnen twee weken na dit vonnis de zekerheid aanvaarden, anders vervalt haar bevoegdheid om zekerheid te eisen. De beslissing over proceskosten wordt aangehouden tot het eindvonnis in de hoofdzaak.
Uitkomst: De rechtbank bepaalt dat de door partij A gestelde escrow zekerheid voldoet aan artikel 6:51 lid 2 BW en dat partij B deze binnen twee weken moet aanvaarden.