Uitspraak
handelend onder de naam [bedrijf 1] ,
handelend onder de naam [bedrijf 2],
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- de conclusie van antwoord van 24 december 2024,
3.De feiten
4.Het geschil
5.De beoordeling
‘degene die een ander zonder rechtsgrond een goed heeft gegeven, is gerechtigd dit van de ontvanger als onverschuldigd betaald terug te vorderen’. Lid 2 luidt: “
betreft de onverschuldigde betaling een geldsom, dan strekt de vordering tot teruggave van een gelijk bedrag”.