Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
dan weldat hij heeft geprobeerd om hem zwaar lichamelijk letsel toe te brengen
dan weldat hij hem heeft mishandeld, door meermalen met een mes in de borst en/of arm van die [slachtoffer] te steken en/of te prikken.
- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting op 6 mei 2025;
- het procesverbaal van aangifte van [slachtoffer] van 3 november 2024.
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
poging tot zware mishandeling.
5.De strafbaarheid van verdachte
6.De op te leggen straf of maatregel
7.De schade van benadeelde
8.De vordering tenuitvoerlegging
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
poging tot zware mishandeling
gevangenisstrafvoor de duur van
376 (driehonderdzesenzeventig) dagen;
180 (honderdtachtig) dagen niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de
proeftijd van 2 (twee) jarende navolgende algemene voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaardendat verdachte:
daarbij gelden als voorwaarden van rechtswege dat de verdachte:
maatregelop dat de verdachte verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 2.500,--, (zegge: tweeduizendvijfhonderd euro), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 3 november 2024 ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van 35 dagen kan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;
20 mei 2025 vanaf het moment datde verdachte
met justitieel vervoer (DV&O)aankomt bij De Hooge Boom in Nijmegen;
wijstde vordering
af.