ECLI:NL:RBOVE:2025:4742
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Terugvordering onterecht wegens goede trouw bij te hoge uitkering WWplus
Eiser ontving naast zijn werkloosheidsuitkering van het UWV een bovenwettelijke werkloosheidsuitkering en loonaanvullingsuitkering van WWplus. WWplus vorderde een bedrag van €10.866,62 terug wegens te hoge uitkeringen over de periode maart 2021 tot mei 2022. Eiser stelde dat hij te goeder trouw was en geen rekening hoefde te houden met terugvordering omdat de fout bij WWplus lag.
De kantonrechter stelde vast dat eiser niet wist en ook niet behoorde te weten dat de uitkeringen te hoog waren. Door wisselende bedragen, onduidelijke specificaties en de complexiteit van de berekeningen kon van eiser als leek niet worden verwacht dat hij de fout zou ontdekken. Eiser had de bedragen te goeder trouw besteed aan zijn levensonderhoud.
Op grond van redelijkheid en billijkheid (artikel 6:2 lid 2 BW Pro) oordeelde de kantonrechter dat terugvordering onaanvaardbaar is. WWplus werd veroordeeld het reeds teruggevorderde bedrag terug te betalen en de proceskosten te dragen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De terugvordering van te veel betaalde uitkeringen is onterecht en WWplus moet het teruggevorderde bedrag terugbetalen.