Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
[eiser 1] V.O.F.,
[eiser 3],
het college van burgemeester en wethouders van Enschede
[derde belanghebbende 2] B.V., uit [plaats 2],
Rechtbank Overijssel
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Enschede om niet handhavend op te treden tegen een blokkenwand op het perceel aan een bedrijventerrein. Eisers stelden dat de wand op een andere plek was gebouwd dan waarvoor vergunning was verleend en dat daardoor de werking van een drainagebuis werd belemmerd.
De rechtbank heeft vastgesteld dat de blokkenwand is gebouwd op de plek waarvoor op 28 januari 2019 en 25 april 2023 omgevingsvergunningen zijn verleend. De situeringstekening en aanvraagformulieren maken duidelijk dat vergunning is verleend voor een wand op de erfscheiding. De funderingstekening heeft geen betrekking op de exacte locatie van de wand.
Daarnaast is niet aannemelijk gemaakt dat de wand in strijd met de vergunning is gebouwd of dat de drainagebuis daadwerkelijk wordt belemmerd. Controle ter plaatse door het college bevestigde dit. Omdat geen overtreding is vastgesteld, was handhavend optreden niet mogelijk en is het beroep ongegrond verklaard. Eisers krijgen geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering tot handhaving van de blokkenwand is ongegrond verklaard.