Eiseres, rechtsopvolgster van de verhuurder, vordert betaling van een huurachterstand van de woning die door gedaagde 1 wordt gehuurd. Gedaagde 2 heeft zich garant gesteld. Er is een achterstand in huurbetalingen vastgesteld.
De kantonrechter handhaaft het tussenvonnis en heeft ambtshalve de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden beoordeeld. Er zijn geen bepalingen die de consument aanzienlijk benadelen, zodat deze niet vernietigd worden.
Gedaagden hebben zich niet tegen de vordering verweerd en de kantonrechter acht de vordering niet onrechtmatig of ongegrond. De vordering wordt toegewezen voor een bedrag van € 4.071,89 plus wettelijke rente vanaf 25 maart 2025.
Daarnaast worden gedaagden veroordeeld in de proceskosten van € 1.067,81, te voldoen binnen veertien dagen na het vonnis. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en is uitgesproken door de kantonrechter op 12 augustus 2025.