Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBOVE:2025:5825

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
2 oktober 2025
Publicatiedatum
2 oktober 2025
Zaaknummer
08.239708.24 (P)
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 361 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs mishandeling met honkbalknuppel

Op 2 oktober 2025 heeft de Rechtbank Overijssel uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte, die werd verdacht van het plegen van geweld met een honkbalknuppel tegen het slachtoffer. De tenlastelegging omvatte het slaan en/of schoppen van het slachtoffer met een metalen honkbalknuppel of een hard voorwerp op een openbare plaats in Zwolle op of omstreeks 26 april 2024.

Tijdens de openbare terechtzitting van 18 september 2025 heeft de rechtbank kennisgenomen van de vorderingen van de officier van justitie, de verdediging en de benadeelde partij. Na zorgvuldige beoordeling van het bewijs concludeerde de rechtbank dat niet wettig en overtuigend was bewezen dat verdachte het ten laste gelegde feit had begaan.

Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van de beschuldigingen. Tevens werd de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering op grond van artikel 361, tweede lid, Sv, met de mogelijkheid om de vordering bij de burgerlijke rechter aan te brengen. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer te Zwolle en is in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van mishandeling met een honkbalknuppel.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team Strafrecht
Meervoudige kamer
Zittingsplaats Zwolle
Parketnummer: 08.239708.24 (P)
Datum vonnis: 2 oktober 2025
Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:
[verdachte],
geboren op [geboortedatum] 1969 in [geboorteplaats] ,
wonende aan [adres] .

1.Het onderzoek op de terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 18 september 2025.
De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van wat door verdachte en zijn raadsman mr. U. Yildirim, advocaat in Zwolle, naar voren is gebracht.
Ook heeft de rechtbank kennisgenomen van wat namens de benadeelde partij [slachtoffer] door mr. M. Mulderij-Anker is aangevoerd.

2.De tenlastelegging

De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte met een ander in het openbaar geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer] door die [slachtoffer] met een honkbalknuppel tegen de borst te slaan en/of door die [slachtoffer] tegen de borst en/of het hoofd te schoppen (primair)
dan weldat hij samen met een ander die [slachtoffer] heeft mishandeld (subsidiair).
Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:
hij op of omstreeks 26 april 2024 te Zwolle
openlijk, te weten op/aan de Goudsbloemstraat, in elk geval op of aan de openbare
weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats,
in vereniging
geweld heeft gepleegd tegen een persoon, te weten [slachtoffer] , door die [slachtoffer]
meermaals, althans eenmaal:
- met een metalen honkbalknuppel, althans een hard voorwerp, tegen de borst,
althans het lichaam te slaan en/of
- tegen de borst en/of het hoofd, althans het lichaam te schoppen;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou
kunnen leiden:
hij op of omstreeks 26 april 2024 te Zwolle
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen
[slachtoffer] heeft mishandeld door die [slachtoffer] meermaals, althans eenmaal:
- met een metalen honkbalknuppel, althans een hard voorwerp, tegen de borst,
althans het lichaam te slaan en/of
- tegen de borst en/of het hoofd, althans het lichaam te schoppen.

3.Het oordeel van de rechtbank

Met de officier van justitie en de verdediging acht de rechtbank niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte [slachtoffer] met een honkbalknuppel heeft geslagen en/of geschopt. De rechtbank zal verdachte daarom vrijspreken van het ten laste gelegde feit.

4.De schade van benadeelde

Omdat verdachte van het ten laste gelegde feit wordt vrijgesproken, zal de rechtbank de benadeelde partij [slachtoffer] op de voet van artikel 361, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering (Sv) niet-ontvankelijk verklaren in de vordering.

5.De beslissing

De rechtbank:
vrijspraak
- verklaart niet bewezen dat verdachte het primair en subsidiair ten laste gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;
schadevergoeding
- bepaalt dat de benadeelde partij [slachtoffer] niet-ontvankelijk is in de vordering, en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.
Dit vonnis is gewezen door mr. J. de Ruiter, voorzitter, mr. A. van Holten en mr. R.J. Postma, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A. Lautenbag, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 2 oktober 2025.