ECLI:NL:RBOVE:2025:5984

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
8 oktober 2025
Publicatiedatum
9 oktober 2025
Zaaknummer
C/08/337705 / JE RK 25-1484
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:265c BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen

De rechtbank Overijssel heeft bij beschikking van 8 oktober 2025 de machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen verlengd voor de resterende duur van de ondertoezichtstelling, van 11 oktober 2025 tot 23 maart 2026.

De zaak betreft de gecertificeerde instelling Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering, die de machtiging aanvraagt vanwege zorgen over de veiligheid en het welzijn van de kinderen. De moeder zoekt weer toenadering tot de vader, wat de veiligheid van de kinderen in gevaar brengt. Daarom acht de kinderrechter verlenging noodzakelijk in het belang van de verzorging en opvoeding van de kinderen.

De kinderrechter heeft vastgesteld dat de medewerkers van het LET bevoegd zijn om namens de gecertificeerde instelling deze procedure te voeren, na ontvangst van een getekende volmacht. Er heeft geen nadere mondelinge behandeling plaatsgevonden. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en er is een termijn van drie maanden gesteld voor het instellen van hoger beroep.

De moeder zal voor langere tijd moeten aantonen dat zij uit contact met de vader kan blijven voordat terugplaatsing van de kinderen kan worden overwogen. De rechtbank ziet geen reden om de duur van de machtiging te bekorten.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van de twee kinderen tot het einde van de ondertoezichtstelling wegens veiligheidsrisico's.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

locatie Zwolle
team familie- en jeugdrecht
zaakgegevens: C/08/337705 / JE RK 25-1484
datum uitspraak: 8 oktober 2025

beschikking verlenging machtiging tot uithuisplaatsing

in de zaak van

Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering, de gecertificeerde instelling,

gevestigd te Enschede,
hierna te noemen: de GI,
betreffende

[kind 1],

geboren op [geboortedatum 1] 2016 te [geboorteplaats 1],
hierna te noemen: [kind 1],
en

[kind 2],

geboren op [geboortedatum 2] 2020 te [geboorteplaats 2],
hierna te noemen [kind 2].
De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:

[de moeder],

hierna te noemen: de moeder,
wonende te [woonplaats],
advocaat: mr. J. Sietsma.

Het verdere procesverloop

Bij beschikking van 10 september 2025 is de machtiging tot uithuisplaatsing van [kind 1] en [kind 2] verlengd tot 11 oktober 2025. De kinderrechter heeft elke verdere beslissing met betrekking tot het verzoek van de GI aangehouden, in afwachting van een getekende volmacht aan de medewerkers van het LET.
De kinderrechter heeft nadien kennisgenomen van de volgende stukken:
- de getekende volmacht van het Leger des Heils van 25 augustus 2025, ter griffie ontvangen op 19 september 2025.
Er heeft geen nadere mondelinge behandeling plaatsgevonden.

De feiten

Voor de feiten wordt verwezen naar genoemde beschikking van 10 september 2025.

De verdere beoordeling

Er dient nog beslist te worden op het aangehouden gedeelte van het verzoek van de GI om de machtiging tot uithuisplaatsing van [kind 1] en [kind 2] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder te verlengen voor de duur van de onder toezichtstelling, van 11 oktober 2025 tot 23 maart 2026.
De GI heeft de bij tussenbeschikking van 10 september 2025 gevraagde volmacht aan de rechtbank nagezonden. Uit het stuk volgt dat de beide ter zitting (digitaal) aanwezige medewerkers van het LET gevolmachtigd en daarmee bevoegd zijn om namens de GI deze procedure te voeren.
De kinderrechter heeft in haar beschikking van 10 september 2025 al uiteengezet dat de gewijzigde houding van de moeder, die blijkt uit het feit dat zij weer toenadering tot de vader zoekt en hem naar alle waarschijnlijkheid niet buiten het leven van de kinderen zal kunnen houden, de veiligheid van de kinderen in gevaar brengt. Daarom is de machtiging tot uithuisplaatsing verlengd. De kinderrechter zal het resterende deel ook toewijzen, om dezelfde reden.
Uit voorgaande volgt dat de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van [kind 1] en [kind 2] ook voor de resterende duur noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding, zoals genoemd in artikel 1:265c, tweede lid, van het Burgerlijk Wetboek. De kinderrechter ziet geen aanleiding om de machtiging in duur te bekorten. De moeder zal voor langere tijd moeten laten zien dat zij uit contact met de vader kan blijven, voordat overwogen kan worden om de kinderen bij haar terug te plaatsen.

De beslissing

De kinderrechter:
- verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [kind 1] en [kind 2] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder voor de resterende duur van de ondertoezichtstelling, met ingang van 11 oktober 2025 tot 23 maart 2026;
- verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. M. van der Hoeven, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. E.R. van Schaik, als griffier en in het openbaar uitgesproken op 8 oktober 2025.

Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:

- door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshofArnhem-Leeuwarden