ECLI:NL:RBOVE:2025:6408
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen intrekking APK-erkenning en keurmeesterbevoegdheid wegens ondermijning toezicht
De RDW heeft op 21 oktober 2025 de APK-erkenning van een autobedrijf definitief en per direct ingetrokken en de APK-bevoegdheid van een keurmeester bij dat bedrijf voor 12 maanden geschorst vanwege ondermijning van het toezicht. Dit volgde op eerdere waarschuwingen en verscherpt toezicht na constateringen dat er disproportioneel veel voertuigen werden afgemeld, wat praktisch onmogelijk was gezien de capaciteit en inrichting van de keuringsplaats.
Het autobedrijf en de keurmeester maakten bezwaar tegen deze besluiten en vroegen de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening om de besluiten te schorsen. De voorzieningenrechter oordeelde dat de bezwaren geen redelijke kans van slagen hebben, omdat de RDW uitgebreid had gemotiveerd en voorbeelden had gegeven van de overtredingen, waaronder het afmelden van veel meer voertuigen dan mogelijk is volgens de regelgeving.
De voorzieningenrechter nam mee dat het autobedrijf en de keurmeester onvoldoende feiten hadden aangedragen om de RDW-conclusies te weerleggen en dat de overtredingen terecht als categorie IV (ondermijning toezicht) waren aangemerkt. Ook was voldaan aan de motiverings- en hoorplicht. De belangenafweging leidde tot het oordeel dat het belang van de RDW bij handhaving zwaarder weegt dan het financiële belang van het bedrijf, mede omdat de keurmeester in loondienst is en doorbetaald wordt.
Daarom werd het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen en konden de besluiten van de RDW onverkort blijven gelden gedurende de bezwaarprocedure.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de intrekking van de APK-erkenning en keurmeesterbevoegdheid is afgewezen.