Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
1.De procedure
- [naam 2] (h.o.d.n. [bedrijf]), beschermingsbewindvoerder;
Rechtbank Overijssel
Verzoeker heeft bij de rechtbank Overijssel verzocht om toelating tot de schuldsaneringsregeling en tevens om een eerdere ingangsdatum van de regeling. De rechtbank heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van de Insolventieverordening en de Faillissementswet.
De rechtbank constateert dat verzoeker voldoet aan de wettelijke voorwaarden en dat er geen gronden voor afwijzing zijn. Vanwege het feit dat al sinds 2021 beslag ligt op het inkomen van verzoeker en diens echtgenote, en zij ondanks deze beslaglegging nog een bedrag van €6.000,- hebben weten te sparen, acht de rechtbank het redelijk om de ingangsdatum van de regeling op 29 september 2024 te stellen.
De rechtbank stelt de termijn van de schuldsaneringsregeling vast op achttien maanden vanaf deze datum, benoemt een rechter-commissaris en een bewindvoerder, en bepaalt dat de bewindvoerder bevoegd is om de post van verzoeker in te zien en een voorschot op vergoeding te ontvangen. Tevens komen alle gelegde beslagen te vervallen. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open.
Uitkomst: Verzoeker wordt toegelaten tot de schuldsaneringsregeling met ingang van 29 september 2024 voor een termijn van achttien maanden.