ECLI:NL:RBOVE:2025:6688

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
13 november 2025
Publicatiedatum
18 november 2025
Zaaknummer
NL:TZ:2501201:R-RK
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 Insolventieverordening (EU 2015/848)Art. 288 lid 1 Faillissementswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toelating tot schuldsaneringsregeling met eerdere ingangsdatum

Verzoeker heeft bij de rechtbank Overijssel verzocht om toegelaten te worden tot de schuldsaneringsregeling en tevens om de ingangsdatum van deze regeling op een eerdere datum te bepalen. De rechtbank heeft de procedure behandeld op de zitting van 29 september 2025, waarbij ook de beschermingsbewindvoerder aanwezig was.

De rechtbank beoordeelde het verzoek als een hoofdinsolventieprocedure conform artikel 3, eerste lid, van de Insolventieverordening (EU 2015/848). Verzoeker voldeed aan de vereisten van artikel 288 lid 1 van Pro de Faillissementswet en er waren geen gronden voor afwijzing. De rechtbank stelde vast dat verzoeker sinds 22 januari 2025 spaarde voor schuldeisers, maar inmiddels geen spaarcapaciteit meer heeft vanwege een PW-uitkering en vrijstelling van inspanningsplicht wegens psychische problematiek.

Op grond van deze feiten wees de rechtbank het verzoek toe en bepaalde de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling op 22 januari 2025. De regeling wordt vastgesteld op achttien maanden. Tevens werden een rechter-commissaris en bewindvoerder benoemd, met specifieke opdrachten en bevoegdheden, waaronder het inzien van de post en het opnemen van een voorschot op vergoeding. Alle gelegde beslagen komen te vervallen met deze uitspraak.

Uitkomst: Verzoeker wordt toegelaten tot de schuldsaneringsregeling met ingang van 22 januari 2025 voor een termijn van achttien maanden.

Uitspraak

RECHTBANK Overijssel

Team Insolventie
Zittingsplaats Zwolle
Rekestnummer: NL:TZ:2501201:R-RK
Vonnis van maandag 13 oktober 2025
op het verzoek van
[verzoeker],
geboren op [geboortedatum] 1988 te [geboorteplaats],
wonende te [woonplaats];
verzoeker, hierna te noemen [verzoeker],
tot toepassing van de schuldsaneringsregeling.
Samenvatting
[verzoeker] heeft verzocht om te worden toegelaten tot de schuldsaneringsregeling en heeft daarbij om een eerdere ingangsdatum verzocht.
De rechtbank wijst de verzoeken toe.

1.De procedure

1.1.
De procedure bestaat uit:
  • het schuldsaneringsverzoekschrift met bijlagen;
  • de zitting van maandag 29 september 2025, waarbij aanwezig waren:
- [verzoeker];
- [naam 1], zus
- [beschermingsbewindvoerder] (h.o.d.n. [bedrijf]), beschermingsbewindvoerder.
1.2.
De uitspraak is bepaald op vandaag.

2.Het verzoek

2.1.
[verzoeker] verzoekt om te worden toegelaten tot de schuldsaneringsregeling waarbij hij ook verzoekt om de ingangsdatum van de termijn van de schuldsanering op een eerdere datum te bepalen. Volgens [verzoeker] heeft hij een schuldenlast die hij niet zelf kan aflossen.

3.De beoordeling

3.1.
Het is een hoofdinsolventieprocedure (artikel 3, eerste lid, van de Insolventieverordening (EU 2015/848)).
3.2.
De rechtbank wijst het verzoek toe. Het verzoek voldoet aan de daaraan gestelde eisen. [verzoeker] heeft voldaan aan het bepaalde in artikel 288 lid 1 van Pro de Faillissementswet. Van een grond voor afwijzing van het verzoek is niet gebleken.
3.3.
[verzoeker] verzoekt de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling te bepalen op 22 januari 2025. Vanaf die datum is er gespaard voor de schuldeisers. Inmiddels is er geen sprake meer van spaarcapaciteit. [verzoeker] ontvangt een PW-uitkering en was en is vrijgesteld van de inspanningsplicht op grond van psychische problematiek. De rechtbank is op grond van vorenstaande van oordeel dat de eerdere ingangsdatum kan worden bepaald op 22 januari 2025 en wijst het verzoek dus toe.

4.De beslissing

De rechtbank:
4.1.
spreekt de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:
[verzoeker] ,
geboren op [geboortedatum] 1988 te [geboorteplaats],
wonende te [woonplaats];
4.2.
stelt de termijn van deze regeling vast op de achttien maanden, te rekenen vanaf
22 januari 2025;
4.3.
benoemt tot rechter-commissaris mr. A.E. Zweers;
4.4.
benoemt tot bewindvoerder [bewindvoerder], [adres];
4.5.
geeft de bewindvoerder de opdracht om de post van [verzoeker] in te zien totdat de regeling eindigt, maar in elk geval niet langer dan dertien maanden;
4.6.
bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag opnemen volgens het besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Dit kan alleen zolang de schuldsaneringsregeling loopt en voor zover de boedel toereikend is;
4.7.
stelt vast dat door deze uitspraak alle gelegde beslagen komen te vervallen.
Gewezen te Almelo door mr. S.J.S. Groeneveld-Koekkoek, rechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 13 oktober 2025 in tegenwoordigheid van de griffier.