ECLI:NL:RBOVE:2025:6988

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
2 december 2025
Publicatiedatum
5 december 2025
Zaaknummer
11822347 \ CV EXPL 25-2293
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:265 BWArt. 556 lid 1 RvArt. 557 RvArt. 6:96 BWArt. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding huurovereenkomst en ontruiming wegens langdurige huurachterstand

DeltaWonen heeft [gedaagde] gedagvaard wegens een huurachterstand van €7.908,26 en vordert ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning. [gedaagde] erkent de achterstand, maar wijst op problemen met zijn oud-bewindvoerder en een zorginstelling die zijn financiële situatie hebben beïnvloed. Hij is gestart met schuldhulpverlening en wil niet meer onder bewind staan.

De kantonrechter oordeelt dat de huurachterstand van 12 maanden ernstig genoeg is om de huurovereenkomst te ontbinden. De algemene voorwaarden zijn getoetst en als eerlijk bevonden. De gevorderde betaling van de huurachterstand, wettelijke rente, buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten worden toegewezen. De ontruiming moet binnen 14 dagen na betekening van het vonnis plaatsvinden.

De kantonrechter wijst de vordering tot gebruiksvergoeding toe voor de periode vanaf december 2025 tot de daadwerkelijke ontruiming. De machtiging voor ontruiming met inzet van de sterke arm wordt afgewezen omdat alleen een deurwaarder dit mag uitvoeren. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en [gedaagde] wordt veroordeeld tot betaling van alle kosten.

Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en de huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen 14 dagen en betaling van achterstallige huur, incassokosten en proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANKOVERIJSSEL
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Zwolle
Zaaknummer: 11822347 \ CV EXPL 25-2293
Vonnis van 2 december 2025
in de zaak van
STICHTING DELTAWONEN,
te Zwolle,
eisende partij,
hierna te noemen: DeltaWonen,
gemachtigde: Flanderijn Incasso Gerechtsdeurwaarders,
tegen
[gedaagde],
te [woonplaats],
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde],
gemachtigde: mr. J.J.M. Pinners.
De zaak in het kort
DeltaWonen heeft [gedaagde] gedagvaard wegens een huurachterstand van € 7.908,26 en vordert ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de gehuurde woning. [gedaagde] erkent de achterstand, maar wijst op problemen met zijn oud-bewindvoerder en een zorginstelling en zijn daardoor ontstane financiële situatie. De kantonrechter oordeelt dat de huurachterstand van 12 maanden ernstig genoeg is voor ontbinding en ontruiming. [gedaagde] wordt verplicht de woning binnen 14 dagen te ontruimen en de achterstallige huur te betalen. Daarnaast moet [gedaagde] buitengerechtelijke incassokosten en de proceskosten betalen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de conclusie van antwoord
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
- de mondelinge behandeling van 18 november 2025.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
DeltaWonen verhuurt met ingang van 15 oktober 2015 aan [gedaagde] de woning aan het adres [adres] (hierna: het gehuurde). De huur bedraagt € 638,52 per maand en is bij vooruitbetaling verschuldigd. Op deze huurovereenkomst zijn algemene voorwaarden van toepassing.
2.2.
[gedaagde] heeft (een deel van) de huur niet betaald. DeltaWonen heeft [gedaagde] meerdere keren aangemaand om aan zijn betalingsverplichtingen te voldoen.
2.3.
DeltaWonen heeft [gedaagde] schriftelijk gewezen op de mogelijkheid van schuldhulpverlening bij betalingsachterstanden. [gedaagde] heeft daarop niet afwijzend gereageerd. DeltaWonen heeft [gedaagde] daarna bij de gemeente aangemeld in het kader van vroegsignalering.

3.Het geschil

3.1.
DeltaWonen vordert – samengevat – ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde en betaling van € 7.908,26 aan huurachterstand met nevenvorderingen.
3.2.
DeltaWonen legt aan de vordering het volgende ten grondslag. [gedaagde] is in zijn verplichtingen als huurder tekortgeschoten, door niet (volledig) aan zijn betalingsverplichting te voldoen. De hoogte van de huurachterstand rechtvaardigt volgens DeltaWonen de ontbinding van de huurovereenkomst en de ontruiming van het gehuurde.
3.3.
[gedaagde] voert verweer. [gedaagde] erkent de huurachterstand, maar voert aan dat deze hem niet volledig kan worden toegerekend. [gedaagde] ontvangt een Wajong-uitkering en stond tot februari 2025 onder bewind. [gedaagde] stelt dat er sprake is geweest van wanbeheer en misbruik door zijn bewindvoerder en een zorginstelling. [gedaagde] heeft zich gewend tot de gemeente Zwolle voor schuldhulpverlening. [gedaagde] is actief bezig om zijn financiële situatie te stabiliseren en is inmiddels gestart in een schuldhulpverleningstraject, maar wil nooit meer onder bewind komen te staan.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
De huurovereenkomst is gesloten met een consument. Daarom moet ambtshalve worden getoetst aan het Europese en Nederlandse consumentenrecht, met name aan Richtlijn 93/13/EEG (de Richtlijn oneerlijke bedingen).
4.2.
De voor de vordering relevante bedingen in artikel 13.2 en 13.3 van de algemene voorwaarden zijn getoetst en eerlijk bevonden.
4.3.
[gedaagde] heeft erkend dat er een huurachterstand is die tot en met november 2025 berekend is op een bedrag van € 7.908,26. [gedaagde] heeft niet aangetoond dat deze schuld is ontstaan door het handelen van zijn toenmalige bewindvoerder. De kantonrechter zal de gevorderde betaling hiervan dan ook toewijzen.
4.4.
[gedaagde] is te laat met het betalen van de verschillende huurtermijnen en dus zal de gevorderde wettelijke rente over de huurachterstand worden toegewezen.
4.5.
DeltaWonen vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW Pro en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). De kantonrechter stelt vast dat [gedaagde] een consument is (een natuurlijk persoon die niet heeft gehandeld in de uitoefening van een beroep of bedrijf). Daarom moet de kantonrechter controleren of is voldaan aan de dan geldende extra eisen voor de verschuldigdheid van buitengerechtelijke incassokosten. DeltaWonen heeft aan [gedaagde] een of meer aanmaningen gestuurd die voldoen aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW Pro. Daarom zal een bedrag van € 334,24 worden toegewezen. De gevorderde rente over de buitengerechtelijke incassokosten zal worden toegewezen.
4.6.
De kantonrechter heeft vastgesteld dat DeltaWonen heeft voldaan aan de informatieplicht en de meldplicht als bedoeld in artikel 2 van Pro Besluit Gemeentelijke Schuldhulpverlening.
4.7.
Over de vorderingen tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde overweegt de kantonrechter als volgt. De huurder is verplicht om de huur op tijd en volledig te betalen. Iedere tekortkoming van een partij in de nakoming van een van haar verbintenissen geeft aan de wederpartij de bevoegdheid om de overeenkomst geheel of gedeeltelijk te ontbinden, tenzij de tekortkoming, gezien haar bijzondere aard of geringe betekenis, deze ontbinding met haar gevolgen niet rechtvaardigt. [1] De kantonrechter wijst een vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst alleen toe als de huurachterstand ernstig genoeg is om de huurovereenkomst te beëindigen. Vaak zal een achterstand van meer dan drie maanden genoeg zijn, maar de kantonrechter moet alle omstandigheden afwegen. Van belang is bijvoorbeeld ook of de huur weer wordt betaald en of de achterstand (deels) is ingelopen. [2]
4.8.
Op het moment van dagvaarden bedroeg de huurachterstand 9 maanden. Daarna is de huurachterstand opgelopen en bedraagt de huurachterstand inmiddels 12 maanden.
De huurachterstand is daarom ernstig genoeg om de huurovereenkomst te ontbinden.
4.9.
De gevorderde ontbinding van de huurovereenkomst zal op grond van het voorgaande worden toegewezen. [gedaagde] zal worden veroordeeld het gehuurde te ontruimen op een termijn van veertien dagen na betekening van het vonnis. De kantonrechter is van oordeel dat dit een redelijke termijn is om aan de veroordeling te voldoen.
4.10.
DeltaWonen wil ook dat [gedaagde] wordt veroordeeld tot het betalen van een maandelijks bedrag van € 638,52, te rekenen vanaf de maand december 2025 tot het moment dat [gedaagde] het gehuurde ontruimt. Dit is de huurprijs per maand en na het ontbinden van de huurovereenkomst is dit een gebruiksvergoeding voor de tijd dat [gedaagde] nog in het gehuurde verblijft. Deze vordering zal worden toegewezen.
4.11.
De gevorderde machtiging om de ontruiming zo nodig zelf te doen uitvoeren met behulp van de sterke arm van justitie zal worden afgewezen, omdat op grond van de wet alleen de deurwaarder een ontruiming van een woning mag uitvoeren. [3]
4.12.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van DeltaWonen worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
146,14
- griffierecht
543,00
- salaris gemachtigde
678,00
(2 punten × € 339,00)
- nakosten
135,00
Totaal
1.502,14

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
ontbindt de tussen partijen bestaande huurovereenkomst met betrekking tot het gehuurde aan het adres [adres],
5.2.
veroordeelt [gedaagde] om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis het gehuurde te ontruimen met alle daarin aanwezige personen en zaken, tenzij deze zaken van DeltaWonen zijn, en de sleutels af te geven aan DeltaWonen,
5.3.
veroordeelt [gedaagde] om te betalen aan DeltaWonen:
- € 7.908,26 aan achterstallige huur tot en met november 2025, te vermeerderen met de wettelijke rente over de verschuldigde huurtermijnen, telkens te rekenen vanaf de vervaldata van die huurtermijnen tot de dag van voldoening,
- € 638,52 per maand vanaf december 2025 tot en met het eind van de maand waarin de daadwerkelijke ontruiming heeft plaatsgevonden,
5.4.
veroordeelt [gedaagde] om aan DeltaWonen te betalen een bedrag van € 334,24 aan buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro, vanaf de dag van dagvaarding, tot de dag van volledige betaling,
5.5.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.502,14, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.6.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.H. Margadant en in het openbaar uitgesproken op 2 december 2025. (jb)

Voetnoten

1.Artikel 6:265 BW Pro.
2.HR 28 september 2018 (ECLI:NL:HR:2018:1810)
3.Artikel 556 lid 1 en Pro artikel 557 Rv Pro.