Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
1.De procedure
- de dagvaarding,
- de pro forma mondelinge behandeling,
- de wijziging van eis,
- de brief van [gedaagde] over de wijziging van eis,
Rechtbank Overijssel
In deze zaak heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Overijssel op 23 december 2025 uitspraak gedaan in een kort geding tussen [eiseres] en [gedaagde]. De eiseres vorderde machtiging om een woonhuis met erf, tuin en ondergrond te verkopen, en de voorzieningenrechter heeft de vorderingen van eiseres integraal toegewezen. De partijen hebben overeenstemming bereikt over de vorderingen, waardoor gedaagde geen verweer heeft gevoerd. De voorzieningenrechter heeft bepaald dat eiseres het woonhuis mag verkopen tegen een minimale verkoopprijs van € 620.000,00 en dat gedaagde eiseres moet toelaten tot de woning voor noodzakelijke werkzaamheden in het kader van de verkoop. Daarnaast is bepaald dat dit vonnis in de plaats treedt van de handtekening van gedaagde voor de verkoop en levering van het woonhuis. Gedaagde is ook verplicht om binnen zeven dagen na de verkoop zorg te dragen voor de ontruiming van de woning. De proceskosten zijn begroot op € 983,00, die gedaagde moet betalen binnen veertien dagen na aanschrijving. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.