ECLI:NL:RBOVE:2025:7572

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
23 december 2025
Publicatiedatum
24 december 2025
Zaaknummer
11808543 \ CV EXPL 25-1263
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vordering tot betaling van onbetaalde facturen met wettelijke handelsrente en incassokosten door Proximedia Nederland B.V.

In deze zaak vordert Proximedia Nederland B.V. betaling van onbetaalde facturen van gedaagde partijen, vermeerderd met wettelijke handelsrente en buitengerechtelijke incassokosten. De kantonrechter heeft op 23 december 2025 uitspraak gedaan in Almelo. Proximedia, handelend onder de naam MKB ClickService, heeft gedaagde partijen in 2021 benaderd voor online marketingdiensten. Na het sluiten van een overeenkomst zijn de facturen niet betaald, ondanks herhaalde pogingen van Proximedia om contact op te nemen. Gedaagde heeft in de procedure verweer gevoerd, onder andere met een beroep op dwaling en tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst door Proximedia. De kantonrechter heeft geoordeeld dat Proximedia haar verplichtingen is nagekomen en dat het beroep op dwaling niet opgaat. De vordering van Proximedia is toegewezen, waarbij gedaagde is veroordeeld tot betaling van € 1.787,99, vermeerderd met wettelijke handelsrente en buitengerechtelijke incassokosten. Tevens is gedaagde veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Almelo
Zaaknummer: 11808543 \ CV EXPL 25-1263
Vonnis van 23 december 2025
in de zaak van
PROXIMEDIA NEDERLAND B.V.,
te Utrecht,
eisende partij,
hierna te noemen: Proximedia,
gemachtigde: mr. Erkelens van PUURNouta,
tegen

1.[gedaagde 1],

te [vestigingsplaats],
2.
[gedaagde 2],
te [woonplaats 1],
3.
[gedaagde 3],
te [woonplaats 2],
gedaagde partijen,
hierna samen te noemen: [gedaagde] (enkelvoud)
procederend in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 10 juli 2025 met producties,
- de conclusie van antwoord met producties,
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald,
- de aanvullende producties van Proximedia van 17 november 2025,
- de mondelinge behandeling van 27 november 2025, waarbij partijen zijn verschenen.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De zaak in het kort

Proximedia vordert -na vermindering van eis- betaling van de onbetaald gebleven facturen te vermeerderen met de wettelijke handelsrente, de buitengerechtelijke incassokosten en veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.
De kantonrechter wijst de vordering tot betaling van de facturen te vermeerderen met de wettelijke handelsrente toe. De buitengerechtelijke incassokosten worden deels toegewezen. Tenslotte veroordeelt de kantonrechter [gedaagde] tot betaling van de proceskosten.

3.De feiten

3.1.
Proximedia, handelende onder de naam MKB ClickService, biedt diensten aan op het gebied van online-marketing.
3.2.
In juli 2021 heeft Proximedia [gedaagde] telefonisch benaderd. Dit telefoongesprek heeft geleid tot een afspraak bij [gedaagde] op 27 juli 2021.
3.3.
Op 27 juli 2021 is de heer [naam 1] namens Proximedia bij [gedaagde] geweest voor een verkoopgesprek. Mevrouw [gedaagde 2] heeft tijdens die afspraak een overeenkomst ondertekend. Het gaat om een standaard overeenkomst, waarin met de hand de ontbrekende informatie is ingevuld.
3.4.
In die overeenkomst staat (ingevuld) dat [gedaagde] gedurende ‘
een niet reduceerbare en onherroepelijke termijn van24 MAANDEN’ internetprestaties van Proximedia afneemt tegen een eenmalige vergoeding van € 90,00 inclusief btw (dossierkosten), een maandelijkse bijdrage van € 240,79 inclusief btw en een SEA maandbudget van € 36,30 inclusief btw voor Search Engine Advertising (SEA) via
Google Ads.
3.5.
In de overeenkomst staat verder, voor zover relevant:

1.2De Abonnee heeft zelf, met volledige kennis van zaken en onder zijn exclusieve verantwoordelijkheid, de producten en opties gekozen en erkent complete informatie te hebben verkregen over de werking, de prijs en de mogelijkheden. De Abonnee bevestigt dat de wederzijdse verbintenissen van partijen integraal beschreven staan in onderhavige overeenkomst.
(…)
8.3
In alle gevallen van contractbreuk door de Abonnee, anders dan op grond van een toerekenbaar tekortschieten van MKB ClickService in de nakoming van haar verbintenis, zijn alle vorderingen uit hoofde van de overeenkomst, zowel de op dat moment, als de in de toekomst opeisbare maandelijkse bijdragen, onmiddellijk en in zijn geheel opeisbaar.
(…)’.
3.6.
Op 2 augustus 2021 heeft Proximedia per e-mail een welkomstbrief gestuurd aan [gedaagde]
3.7.
Op 18 augustus, 20 augustus, 24 augustus en 1 september 2021 heeft Proximedia geprobeerd met [gedaagde] in contact te komen, zowel telefonisch als per e-mail. [gedaagde] heeft niet gereageerd.
3.8.
Bij e-mail van 8 september 2021 heeft Proximedia [gedaagde] laten weten dat voor de landingspagina de domeinnaam is geregistreerd. Bij e-mail van 20 september 2021 heeft Proximedia [gedaagde] laten weten dat de landingspagina’s gereed zijn.
In dit e-mailbericht staat ook dat [gedaagde] geen beeldmateriaal heeft toegestuurd en dat als zij eigen beeldmateriaal wenst te gebruiken, de informatie kan worden doorgestuurd naar Proximedia. [gedaagde] heeft zeven dagen de gelegenheid gekregen om te laten weten of de landingspagina’s naar tevredenheid zijn gemaakt, bij gebreke waarvan de landingspagina’s online worden gezet onder de domeinnaam. Ook staat in dit bericht dat de Google Ads-Campagne zal worden geactiveerd. [gedaagde] heeft niet gereageerd. Op 27 september 2021 heeft Proximedia gemaild dat de website online is gezet.
3.9.
Proximedia heeft aan [gedaagde] facturen en betalingsherinneringen gestuurd. [gedaagde] heeft de facturen niet betaald.
3.10.
Bij e-mail van 20 januari 2022 en 11 februari 2022 heeft Proximedia de dienstverlening opgeschort, totdat [gedaagde] het openstaande saldo (op dat moment € 1.752,54) heeft voldaan. Proximedia heeft [gedaagde] aangezegd dat als zij niet betaalt, de vordering op grond van artikel 8 van de overeenkomst verhoogd zal worden met alle onder de overeenkomst vallende resterende termijnen.
3.11.
Op 6 mei 2022 heeft de heer [naam 2] van Proximedia [gedaagde] in [vestigingsplaats] (het adres van de v.o.f.) bezocht. Naar aanleiding van dat bezoek heeft mevrouw
[gedaagde 2] op 11 mei 2022 een e-mail gestuurd naar [naam 2], waarin zij samengevat erkent dat zij een overeenkomst heeft getekend, waarvan zij dacht dat zij die overeenkomst binnen de wettelijke bedenktermijn van een maand weer heeft opgezegd.
3.12.
Bij e-mail van 16 juni 2022 heeft Proximedia gereageerd op de e-mail van
11 mei 2022. Samengevat wordt in deze e-mail de tussen partijen gesloten overeenkomst toegelicht. Ook wordt toegelicht hoe vaak Proximedia contact heeft proberen te krijgen met [gedaagde] en dat zij facturen hebben gestuurd die onbetaald zijn gebleven, met het verzoek om tot betaling van het openstaande saldo over te gaan.
3.13.
Op 22 februari 2023 heeft [naam 2] per e-mail aan [gedaagde] bevestigd dat zij tot een schikking zijn gekomen, waarbij het openstaande saldo van € 3.137,99 inclusief btw (bestaande uit een periode van de verschenen elf maanden (september 2021 tot en met
juli 2022) en eenmalig dossierkosten) door middel van een betalingsregeling wordt ingelost. De eerste drie maanden moet [gedaagde] € 50,00 betalen. Daarna wordt de regeling herzien. Zodra het openstaande saldo is voldaan, zal het dossier worden gesloten.
3.14.
Op 12 juli 2023 heeft [naam 2] per e-mail aan [gedaagde] bevestigd dat de eerder getroffen betalingsregeling is herzien, naar € 100,00 per maand voor de duur van zes maanden, waarna de betalingsregeling opnieuw zou worden herzien.
3.15.
[gedaagde] is de betalingsregeling niet correct nagekomen. Proximedia heeft meerdere e-mailberichten gestuurd met het verzoek de termijnbedragen te betalen.
[gedaagde] heeft dat niet gedaan.
3.16.
[gedaagde] heeft in totaal € 1.350,00 betaald.

4.Het geschil

4.1.
Proximedia vordert - samengevat - [gedaagde] uitvoerbaar bij voorraad te veroordelen aan haar te betalen een bedrag van € 5.613,05, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 7 juli 2025 over € 4.374,99, tot de dag van volledige betaling. Proximedia vordert ook dat [gedaagde] in de proceskosten wordt veroordeeld.
4.2.
Proximedia heeft haar vordering tijdens de mondelinge behandeling verminderd tot
€ 1.787,99 aan hoofdsom. De reden daarvan is de tussen [gedaagde] en [naam 2] overeengekomen schikking, die zich tot de verschenen elf maanden heeft beperkt. Dit staat ook in de bovengenoemde e-mail van 22 februari 2023.
4.3.
[gedaagde] voert verweer.

5.De beoordeling

Ontvankelijkheid
5.1.
Proximedia vordert nakoming van de overeenkomst. [gedaagde] voert verweer en stelt ten eerste dat de v.o.f. [gedaagde 1] in februari 2023 is uitgeschreven uit het Handelsregister, nadat de bedrijfsactiviteiten in februari 2022 zijn gestaakt.
5.2.
Onbetwist is door mr. Erkelens, gemachtigde van Proximedia, gesteld dat op het moment van dagvaarden de v.o.f. nog ingeschreven stond in het Handelsregister. De kantonrechter gaat er vanuit dat de uitschrijving geen doel heeft getroffen. [gedaagde] heeft ook toegegeven dat ze geen bevestiging heeft gehad van de uitschrijving. Dit betekent dat de vordering ontvankelijk is ten opzichte van zowel de v.o.f. als de vennoten.
Dwaling
5.3.
[gedaagde] beroept zich op dwaling. De dwaling gaat volgens
[gedaagde] in de eerste plaats over de gebruikte naam, MKB ClickService versus Proximedia. MKB ClickService is een naam die vertrouwen schept, zo vervolgt
[gedaagde] Een medewerker van Proximedia vertelde aan [gedaagde] dat de v.o.f. is geselecteerd als kleine onderneming om ondersteund te worden bij het vergroten van de naamsbekendheid, door middel van het maken van websites en adverteren.
5.4.
Naar het oordeel van de kantonrechter heeft [gedaagde] hiermee niet aangetoond dat zonder de verwarring van de gebruikte naam, zij deze overeenkomst niet zou hebben gesloten. Dit beroep op dwaling gaat dan ook niet op.
5.5.
Het tweede beroep op dwaling van [gedaagde] gaat erover dat de medewerker van Proximedia zou hebben gezegd dat er een gratis website zou worden gebouwd. Proximedia verweert zich en verwijst naar productie 1 en productie 16, waar de werkzaamheden uiteengezet zijn en tegen welke tarieven.
5.6.
Dat [gedaagde] meende dat alles gratis zou zijn, is tegenstrijdig met de overeenkomst die mevrouw [gedaagde 2] heeft getekend en waarin duidelijk de bedragen per maand en de looptijd van de overeenkomst (24 maanden) zijn vermeld. Ook dit beroep op dwaling gaat niet op.
Tekortkoming5.7. [gedaagde] heeft verder naar voren gebracht dat Proximedia niets heeft gedaan en dat zij er ook niks aan heeft gehad.
5.8.
Ook dat verweer slaagt niet. De kantonrechter motiveert dit als volgt. In de overeenkomst staat opgenomen welke prestaties Proximedia zou leveren. Al in augustus 2021 heeft Proximedia contact opgenomen voor het verkrijgen van specifieke informatie van het bedrijf ten behoeve van de website en de advertenties. [gedaagde] heeft nergens op gereageerd.
Mevrouw [gedaagde 2] stelt dat ze telefonisch de overeenkomst zou hebben opgezegd, maar dit wordt betwist en [gedaagde] kan deze stelling niet onderbouwen. Ook heeft mevrouw [gedaagde 2] gesteld dat zij een brief heeft gestuurd vanaf haar vakantieadres vlak na de totstandkoming van de overeenkomst. Proximedia stelt de brief niet te hebben ontvangen en [gedaagde] kan het versturen van de brief niet aantonen.
5.9.
Proximedia heeft de website en de advertenties opgemaakt aan de hand van op internet beschikbare gegevens en aan [gedaagde] toegestuurd. Ook heeft Proximedia verwezen naar statistieken, overgelegd als productie 17, waaruit blijkt dat de pagina is bezocht en dat Proximedia op grond daarvan ook daadwerkelijk kosten aan Google heeft betaald. Uit de statistieken volgt dat er 180 clicks zijn geweest in de periode van
september 2021 tot januari 2022. De conclusie is dat Proximedia de overeenkomst is nagekomen. Er kan niet worden gezegd dat Proximedia niks heeft gedaan.
5.10.
In de periode na januari 2022 heeft Proximedia niets meer gedaan. Dat Proximedia op 20 januari 2022 haar werkzaamheden heeft opgeschort, betekent niet dat zij daarna geen nakoming door [gedaagde] mocht vorderen. [gedaagde] heeft namelijk voorafgaand daaraan de facturen niet betaald en heeft ook nergens op gereageerd. Er is bij brief van 20 januari 2022 mededeling gedaan van de opschorting door Proximedia (r.o. 3.10.).
Regeling
Nadat partijen in de periode mei tot juli 2022 gecorrespondeerd hebben over de overeenkomst, hebben zij op 22 februari 2023 en op 12 juli 2023 een schikking/betalingsregeling getroffen. [gedaagde] heeft deze regeling niet nageleefd. De kantonrechter oordeelt dat beide partijen gehouden zijn tot nakoming van de overeenkomst en zal het gevorderde bedrag aan hoofdsom van € 1.787,99 toewijzen.
Wettelijke handelsrente5.11. Proximedia heeft geen inzicht gegeven in haar berekening van de wettelijke handelsrente. De wettelijke handelsrente zal daarom worden toegewezen over de toegewezen hoofdsom vanaf 10 juli 2025, de dag van de dagvaarding.
Buitengerechtelijke incassokosten5.12. Proximedia maakt aanspraak op buitengerechtelijke incassokosten. Voor de hoogte van de buitengerechtelijke incassokosten zal worden aangesloten bij het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). De kantonrechter stelt vast dat aan de wettelijke eisen voor een vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten is voldaan. Over de toegewezen hoofdsom zal een bedrag van € 268,20 aan buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen.
Proceskosten5.13. [gedaagde] wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten betalen. De kosten aan de kant van Proximedia worden begroot op:
- dagvaarding € 135,30
- griffierecht € 543,00
- salaris gemachtigde in conventie € 408,00 (2 punt x tarief € 204,00)
- nakosten
€ 135,00
Totaal € 1.221,30

6.De beslissing

de kantonrechter
6.1. veroordeelt [gedaagde] hoofdelijk om aan Proximedia te betalen een bedrag van € 1.787,99, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW met ingang van 10 juli 2025 tot de dag van volledige betaling;
6.2.
veroordeelt [gedaagde] hoofdelijk om aan Proximedia te betalen een bedrag van € 268,20 aan buitengerechtelijke incassokosten;
6.3.
veroordeelt [gedaagde] hoofdelijk in de proceskosten van € 1.221,30 te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;
6.4.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
6.5.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. A. Smedes en in het openbaar uitgesproken op
23 december 2025.