Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord van 29 oktober 2024 met producties,
- de conclusie van repliek van 10 december 2024 met een eisvermindering,
- de conclusie van dupliek van 14 januari 2024, met producties.
Rechtbank Overijssel
Qredits heeft met gedaagde een geldleningsovereenkomst gesloten waarbij een bedrag van €7.800,- werd verstrekt met een looptijd van 63 maanden en een rente van 8,75% per jaar. Gedaagde stopte met het voldoen van de maandelijkse termijnen, waarna Qredits de lening heeft opgeëist conform de Algemene voorwaarden.
Na ingebrekestelling en meerdere betalingsverzoeken bleef betaling uit, waarop Qredits een procedure startte. Gedaagde erkende de betalingsachterstand en stelde een betalingsregeling voor, maar betwistte dat Qredits voldoende buitengerechtelijke incassomaatregelen had genomen.
De kantonrechter oordeelde dat Qredits correct had ingebreken gesteld en de lening mocht opeisen. De gevorderde hoofdsom, rente en incassokosten werden toegewezen, waarbij rekening werd gehouden met reeds gedane betalingen. De gevraagde betalingsregeling kon niet door de rechter worden opgelegd. Gedaagde werd veroordeeld tot betaling van €7.854,- plus rente en proceskosten, met het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom, rente, incassokosten en proceskosten, met het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.