De rechtbank Overijssel heeft op 13 februari 2025 een 46-jarige man veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijf maanden wegens medeplegen van het opzettelijk voorhanden hebben van een grote hoeveelheid onveraccijnsde accijnsgoederen. Op 28 oktober 2019 werd in een loods te Stramproy een illegale sigarettenfabriek aangetroffen met 4.787.840 sigaretten en 4.242 kilogram rooktabak, waarbij verdachte samen met acht anderen werkzaam was.
De rechtbank stelde vast dat verdachte opzettelijk en willens en wetens betrokken was bij het voorhanden hebben van deze goederen, waarbij voorwaardelijk opzet als ondergrens geldt. Verdachte werd samen met anderen in een niet-professionele locatie aangetroffen waar gerenommeerde sigarettenmerken werden geproduceerd zonder vergunning, wat het illegale karakter onderstreepte.
De rechtbank oordeelde dat sprake was van medeplegen vanwege de nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en medeverdachten. Gezien de omvang van de productie en de verstoring van de legale markt en het fiscale systeem, werd een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend geacht. Vanwege overschrijding van de redelijke termijn werd de straf gematigd van zes naar vijf maanden met aftrek van voorarrest.
Daarnaast werden bepaalde inbeslaggenomen goederen onttrokken aan het verkeer, terwijl persoonlijke documenten aan verdachte werden teruggegeven. De rechtbank verklaarde het bewezenverklaarde strafbaar en veroordeelde verdachte conform de wet op de accijns en het Wetboek van Strafrecht.