Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
gevestigd en kantoorhoudende te Oldenzaal,
gevestigd en kantoorhoudende te [vestigingsplaats],
Rechtbank Overijssel
Winkelcentrum Zuid-Berghuizen en de huurder zijn een huurovereenkomst aangegaan voor een winkelruimte voor tien jaar tegen een maandelijkse huurprijs van €2.455,59. Winkelcentrum heeft de ruimte aangepast voor gebruik als viszaak voor €36.264,11. De huurder is in gebreke gebleven met betaling van meerdere huurtermijnen, waardoor Winkelcentrum ontbinding, ontruiming en betaling van huurachterstand en schade vorderde.
De huurder heeft de vordering niet betwist. Partijen zijn buiten de procedure tot overeenstemming gekomen en hebben hun afspraken vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst van 2 februari 2026. Zij hebben de kantonrechter verzocht deze overeenkomst in een vonnis vast te leggen.
De kantonrechter ziet geen reden om het verzoek af te wijzen en legt de vaststellingsovereenkomst vast. Iedere partij draagt de eigen proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en verdere vorderingen worden afgewezen.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en de vaststellingsovereenkomst tussen partijen wordt in een vonnis vastgelegd.