Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
1.[gedaagde 1] ,
2.
[gedaagde 2],
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met producties,
- de mondelinge behandeling van 13 januari 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt,
- de pleitnota van [eiseres] ,
2.Samenvatting
3.De feiten
In het verkochte bevindt zich een duiker. Deze duiker blijft in eigendom bij Verkoper. Koper en Verkoper komen daarom hierbij overeen, dat Koper in de notariële akte van levering ten behoeve van Verkoper een zakelijk recht van opstal zal vestigen voor deze duiker. Verkoper zal deze vestiging aanvaarden. (…).”
(…).
Ter uitvoering van de koopovereenkomst vestigt Koper (hierna te noemen: “Grondeigenaar”) hierbij ten laster van het Verkochte en ten behoeve van Verkoper (hierna ook te noemen: “Opstalhouder”) op grond van het bepaalde in de artikelen 5:101 en verder Burgerlijk Wetboek om niet:
Het recht van opstal houdt tevens in, dat Opstalhouder, en door haar aan te wijzen derden, het recht hebben om het Verkochte over een breedte van drie (3) meter ( werkstrook, te weten anderhalve (1,5) meter aan weerszijden van de hartlijn van de Duiker) te betreden voor het onderhouden, herstellen, inspecteren, vervangen of verwijderen van de Duiker en voor het ter plaatse verrichten (met de benodigde vervoersmiddelen, materialen en werktuigen) van de daartoe nodige werkzaamheden. De eventueel voor de uitvoering van de werkzaamheden hinderlijke belemmeringen mogen door Opstalhoud tijdelijk worden weggenomen. (…).
Grondeigenaar kan het opstalrecht met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 5:87 en 5:88 Burgerlijk Wetboek opzeggen, indien de Opstalhouder in ernstige mate tekortschiet in de nakoming van zijn verplichtingen. (…)
Zonder voorafgaand overleg en verkregen toestemming van Opstalhouder is het Grondeigenaar (of een derde namens of met toestemming van Grondeigenaar) niet toegestaan opstallen te plaatsen en in stand te houden, gesloten verhardingen aan te brengen, ontgrondingen of ophogingen te verrichten, voorwerpen de grond in te drijven, bomen of diepwortelende heesters te planten, kabels en leidingen aan te leggen, afwateringssloten, greppels en dergelijke te graven en alles wat extra belasting op de Duiker zou betekenen op de strook grond boven en ter weerzijden van - ter breedte van anderhalve (1,5) meter - de Duiker. (…).”
- LichtgebrekDoor de lengte komt er nauwelijks daglicht in de duiker, wat de ontwikkeling van waterplanten en algen belemmert.
- Lage zuurstofniveausStilstaand water in een lange buis leidt vaak tot zuurstofarme omstandigheden, wat ongunstig is voor veel aquatische soorten.
- BarrièrewerkingDe duiker vormt een fysieke en ecologische barrière voor vismigratie en andere fauna, met name door de lengte en het ontbreken van geleiding of stroming.
- Risico op vervuilingSlibophoping en stilstand kunnen leiden tot anaerobe omstandigheden en verslechtering van de waterkwaliteit.
- rottende plantenresten die het zuurstof uit het water trekken;
- veel vliegen;
- verhoogde kans op blauwalg en botulisme; en
- stankoverlast door één of meer van bovenstaande punten.
Naar aanleiding van uw bericht acht ik het nodig om duidelijkheid te scheppen over ons advies, nu ik meen dat dit afwijkt van hetgeen door u geschreven is. Ik beperk mij tot de onderwerpen waar wij als waterschap inhoudelijk op kunnen reageren.
- De duiker is niet vergund door het waterschap. Dit was echter ook niet nodig, nu de duiker geen onderdeel uitmaakte van een bestaand oppervlaktewaterlichaam. Bij de realisatie van het project hebben wij een adviserende rol gehad.
- Er is wel beheer uitgevoerd door het waterschap. Dit beheer komt alleen niet voort uit een formele beheerplicht, zoals het geval is als de duiker wordt opgenomen in de legger.
- Ons advies is gericht op ons waterhuishoudkundige belang. Met betrekking tot de duiker ziet ons advies erop dat wij de overname van het onderhoud aan het doorstroomprofiel formeel kunnen realiseren. Op basis van assetmanagement (kosten, prestatie en risico) hebben wij geadviseerd de betreffende duiker met aanpassingen (inspectieput en verwijderbare roosters) te behouden. Eén van de redenen daarvoor is risicobeheersing; Het is voor ons waterbeheer voordelig als doodlopende wateren een doorspoelmogelijkheid hebben, bijvoorbeeld door problemen in de waterkwaliteit en waterkwantiteit op te lossen. De ecologische memo waaraan u refereert gaat, zoals ook uit de memo zelf volgt, over de duiker zonder de genoemde aanpassingen. Daarnaast is de ecologische memo ook beperkt tot de ecologie, en is assetmanagement en/of de mogelijkheid tot het doorspoelen via de duiker niet opgenomen. Het niet hebben van een ecologische meerwaarde is dan ook niet gelijk aan het ontbreken van een nut van de duiker. (…).”
De opzegging vindt plaats op grond van artikel 6 van Pro de vestigingsakte en artikel 5:87 lid Pro 2
(…). In het overleg is een bypass op particulier terrein i.v.m. bebouwing besproken.