Uitspraak
[partij B] B.V.,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
De werknemer, bedrijfsleider bij een Ierse pub, werd ontslagen op staande voet wegens vermoedelijk frauduleus handelen, namelijk het creëren van een zwarte kasstroom door contante betalingen uit het kassasysteem te verwijderen en apart te bewaren.
De kantonrechter oordeelt dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is omdat het niet onverwijld is gegeven; het onderzoek naar de fraude duurde te lang en de werkgever handelde onvoldoende voortvarend. Daarom wordt het ontslag vernietigd en heeft de werknemer recht op loon tot het einde van het dienstverband.
Het tegenverzoek van de werkgever tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt toegewezen omdat de werknemer ernstig verwijtbaar heeft gehandeld door het vertrouwen van de werkgever te schaden. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 april 2026 zonder recht op transitie- of billijke vergoeding.
De zwangerschap van de werknemer staat de ontbinding niet in de weg omdat het opzegverbod niet van toepassing is op de reden van ontbinding. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet wordt vernietigd en de arbeidsovereenkomst ontbonden per 1 april 2026 wegens ernstig verwijtbaar handelen zonder recht op transitievergoeding.