Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
primair), dan wel hieraan medeplichtig is geweest (
subsidiair).
3.De voorvragen
- omzet juni 2019 na inschrijving: € 128.965,--;
- omzet juli 2019 na inschrijving: € 116.680,--;
- omzet augustus 2019 na inschrijving: € 129.847,--
- omzet september 2019 na inschrijving: € 58.716,--.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
medeplegen van opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift, als bedoeld in artikel 225, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst, meermalen gepleegd.
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelde
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
medeplegen van opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift, als bedoeld in artikel 225, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst, meermalen gepleegd;
gevangenisstrafvoor de duur van
10 (tien) maanden;
3 (drie) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de
proeftijd van 2 (twee) jarende navolgende algemene voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
Rijksdienst voor Ondernemend Nederlandgeheel toe tot een bedrag van
€ 120.000,--(bestaande uit materiële schade);