Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
Rechtbank Overijssel
Woningstichting SWZ vordert ontbinding van de huurovereenkomst met [gedaagde] wegens een huurachterstand van €4.159,60, ontruiming van de woning en betaling van de achterstand. [gedaagde] erkent de achterstand, die is ontstaan door persoonlijke omstandigheden zoals werkloosheid en achterstallig salaris, en wil een betalingsregeling treffen.
De kantonrechter stelt vast dat de huurachterstand inmiddels vijf maanden bedraagt, wat ernstig genoeg is voor ontbinding van de huurovereenkomst. SWZ heeft voldaan aan haar informatie- en meldplicht omtrent schuldhulpverlening. De rechter wijst de vordering tot ontbinding en ontruiming toe en veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de achterstand, de maandelijkse huur vanaf april 2026 tot ontruiming, wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten.
De kantonrechter acht een termijn van veertien dagen na betekening van het vonnis redelijk voor ontruiming. Tevens worden de proceskosten aan [gedaagde] opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en is gewezen door mr. J.N. Bartels op 31 maart 2026.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden wegens een huurachterstand van vijf maanden en de huurder wordt veroordeeld tot ontruiming en betaling van de achterstand met bijkomende kosten.