Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
1.De procedure
2.Het verzoek
3.De beoordeling
4.De beslissing
[verzoekster] ,
geboren op [geboortedatum] 1985 te [geboorteplaats]
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
Verzoekster heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling vanwege een schuldenlast die zij niet zelf kan aflossen. Tevens verzocht zij om een eerdere ingangsdatum van de regeling, namelijk 15 maart 2025, de datum van ondertekening van de schuldregelingsovereenkomst.
De rechtbank beoordeelde het verzoek en constateerde dat het verzoek voldeed aan de eisen van artikel 288 lid 1 van Pro de Faillissementswet en dat er geen gronden waren voor afwijzing. De rechtbank stelde vast dat het minnelijk traject daadwerkelijk startte op 28 mei 2025, de datum waarop het aanbod aan schuldeisers werd gedaan.
Gezien het inkomen van verzoekster, bestaande uit een WIA-uitkering met 80 tot 100% arbeidsongeschiktheid, en het feit dat er geen zicht is op re-integratie, achtte de rechtbank het redelijk om de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling op 28 mei 2025 te bepalen. Het verzoek tot een eerdere ingangsdatum werd daarom slechts gedeeltelijk toegewezen.
De rechtbank benoemde een rechter-commissaris en een bewindvoerder, gaf de bewindvoerder opdracht tot inzage in de post van verzoekster en stelde regels omtrent vergoeding en beslagen vast. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen na de uitspraak.
Uitkomst: Verzoek tot schuldsaneringsregeling toegewezen met ingangsdatum 28 mei 2025 en termijn van achttien maanden vastgesteld.