Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBOVE:2026:2392

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
20 april 2026
Publicatiedatum
4 mei 2026
Zaaknummer
NL:TZ:2602263:R-RK
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 Insolventieverordening (EU 2015/848)Art. 288 lid 1 Faillissementswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing verzoek toelating schuldsaneringsregeling met eerdere ingangsdatum

De rechtbank Overijssel behandelde het verzoek van de verzoeker om toegelaten te worden tot de schuldsaneringsregeling en om de ingangsdatum van deze regeling op een eerdere datum vast te stellen.

De verzoeker heeft een schuldenlast die hij niet zelf kan aflossen en heeft sinds 2021 fulltime gewerkt, waarbij hij gedurende zes maanden maandelijks betalingen aan schuldeisers heeft gedaan. De rechtbank oordeelt dat hiermee aan de inspanningsplicht is voldaan en dat de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling kan worden vastgesteld op 20 oktober 2025, zes maanden voor de datum van de uitspraak.

De rechtbank wijst het verzoek tot toelating toe en stelt de termijn van de regeling vast op achttien maanden vanaf de vastgestelde ingangsdatum. Tevens benoemt zij een rechter-commissaris en een bewindvoerder, en geeft zij de bewindvoerder opdracht tot inzage in de post van de verzoeker en het opnemen van een voorschot op vergoeding, zolang de regeling loopt en de boedel toereikend is.

Door deze uitspraak komen alle gelegde beslagen te vervallen. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen na de uitspraak.

Uitkomst: Verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling toegewezen met ingangsdatum 20 oktober 2025 en een looptijd van achttien maanden.

Uitspraak

RECHTBANK Overijssel

Team Insolventie
Zittingsplaats Almelo
Rekestnummer: NL:TZ:2602263:R-RK
Vonnis van maandag 20 april 2026
op het verzoek van
[verzoeker],
geboren op [geboortedatum] 1970 te [geboorteplaats],
wonende te [adres 1],
verzoeker, hierna te noemen [verzoeker],
tot toepassing van de schuldsaneringsregeling.
Samenvatting
[verzoeker] heeft verzocht om te worden toegelaten tot de schuldsaneringsregeling en heeft daarbij om een eerdere ingangsdatum verzocht.
De rechtbank wijst het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling toe en wijs het verzoek tot het bepalen van een eerdere ingangsdatum gedeeltelijk toe.

1.De procedure

1.1.
De procedure bestaat uit:
- het schuldsaneringsverzoek met bijlagen;
- de zitting van maandag 13 april 2026, waarbij aanwezig waren:
- [verzoeker];
- mevrouw [naam], partner van [verzoeker].
1.2.
De uitspraak is bepaald op vandaag.

2.Het verzoek

2.1.
[verzoeker] verzoekt om te worden toegelaten tot de schuldsaneringsregeling waarbij hij ook verzoekt om de ingangsdatum van de termijn van de schuldsanering op een eerdere datum te bepalen. Volgens [verzoeker] heeft hij een schuldenlast die hij niet zelf kan aflossen.

3.De beoordeling

3.1.
Het betreft een hoofdinsolventieprocedure (artikel 3, eerste lid, van de Insolventieverordening (EU 2015/848)).
3.2.
De rechtbank wijst het verzoek toe. Het verzoek voldoet aan de daaraan gestelde eisen. [verzoeker] heeft voldaan aan het bepaalde in artikel 288 lid 1 van Pro de Faillissementswet. Van een grond voor afwijzing van het verzoek is niet gebleken.
3.3.
[verzoeker] verzoekt de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling te bepalen op 28 juni 2025, de datum waarop de eerste aflossing in het minnelijk traject heeft plaatsgevonden. [verzoeker] is sinds 2021 fulltime werkzaam, zodat hij aan de inspanningsplicht tijdens het minnelijk traject heeft voldaan. Daarnaast heeft de schuldhulpverlener een overzicht gestuurd waaruit blijkt dat [verzoeker] van juni 2025 tot en met november 2025 maandelijks een bedrag heeft gespaard voor zijn schuldeisers, in totaal een bedrag van € 4.274,82. Na november 2025 is er niets meer afgedragen. [verzoeker] heeft hiermee gedurende zes maanden voldaan aan zijn afdrachtverplichting, waardoor een ingangsdatum kan worden bepaald die is gelegen op zes maanden voor de datum van de uitspraak. Op grond hiervan is de rechtbank van oordeel dat de eerdere ingangsdatum op 20 oktober 2025 kan worden bepaald.

4.De beslissing

De rechtbank:
4.1.
spreekt de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:
[verzoeker],
geboren op [geboortedatum] 1970 te [geboorteplaats],
wonende te [adres 1];,
4.2.
stelt de termijn van deze schuldsaneringsregeling vast op de achttien maanden, te rekenen vanaf 20 oktober 2025 [1] ;
4.3.
benoemt tot rechter-commissaris mr. A.E. Zweers;
4.4.
benoemt tot bewindvoerder D.E. Oonk, [adres 2];
4.5.
geeft de bewindvoerder de opdracht om de post van [verzoeker] in te zien totdat de schuldsaneringsregeling eindigt, maar in elk geval niet langer dan dertien maanden;
4.6.
bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag opnemen volgens het besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Dit kan alleen zolang de schuldsaneringsregeling loopt en voor zover de boedel toereikend is;
4.7.
stelt vast dat door deze uitspraak alle gelegde beslagen komen te vervallen.
Gewezen te Almelo door mr. D. van den Berg, lid van genoemde kamer, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 20 april 2026 in tegenwoordigheid van de griffier.